Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1961 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 89

2 minuten leestijd

Achtergronden en tendenties natuurwetenschappelijk onderzoek

65

dering, die verwondering waarvan gezegd is dat zij het begin der wetenschap is. Van déze drijfveer kan men zeggen dat hij onbewust en ongeorganiseerd is. In Christelijke kring heeft men het vaak anders uitgedrukt. Men heeft gezegd: we hebben hier te maken met een bij de schepping gegeven opdracht, de „cultuuropdracht" aan de mens, en dan verwijst men naar Gen. 1 : 28, „vervult de aarde en onderwerpt ze en hebt heerschappij...." Persoonlijk voel ik me niet zo erg gelukkig met die uitdrukking cultuur„opdracht", tenzij men óók het woord van de Schepper tot vissen en vogels een opdracht wil noemen: „zijt vruchtbaar en vermenigvuldigt U op de a a r d e . . . . " Ik zou hier in beide gevallen liever van een Goddelijk zegenwoord willen spreken. Na dit woord is het eenvoudig naar de aard en naar het vermogen van de mens om wetenschap te bedrijven, en kunst, en alles wat wij samenvatten door het begrip „cultuur". (Bij het hoe van deze cultuuruitingen wordt 't natuurlijk anders; daar komt plaats voor gehoorzaamheid contra ongehoorzaamheid, maar daar gaat 't nu niet over). Daarom noemde ik deze natuurlijke drijfveer tot wetenschapsbeoefening onbewust — zij geschiedt niet om een bepaalde reden, maar uit een bepaalde oorzaak, een innerlijke noodzaak — en, in eerste instantie, ongeorganiseerd. Doch er zijn nog andere drijfveren, achtergronden, van het natuurwetenschappelijk onderzoek, en die zijn wèl bewust en georganiseerd; namelijk: (1) achtergronden van wereldbeschouwelijke aard; (2) achtergronden van „maatschappelijke" aard — onder „maatschappelijke" vatten we dan economische, commerciële, politieke en militaire asf)ecten samen. Achtergronden van wereldbeschouwelijke aard hebben bijv. gewerkt achter diverse natuurwetenschappelijke projecten in de U.S.S.R. — ik denk aan de befaamde erfelijkheidstheorie van Lysenko en aan bepaalde biochemische onderzoekingen in de Sovjet-Unie. Maar een wereldbeschouwelijke achtergrond werkt ook achter — onze Vrije Universiteit! En terecht. Echter — toonaangevend in de grote wereld van vandaag zijn niet zulke wereldbeschouwelijke drijfveren, maar veel meer die drijfveren, die vanuit de samenleving werken en die te maken hebben met techniek, economie en machtsvorming. Deze interrelatie van natuurwetenschap en samenleving is voor onze generatie een probleem van to be or not to be geworden, een probleem dat de huidige beoefenaars der natuurwetenschappen bijwijlen benauwt. U moet niet dadelijk aan

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 308 Pagina's

1961 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 89

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 308 Pagina's