Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1961 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 262

2 minuten leestijd

DE TAAL ALS MENSELIJKE UITINGSVORM door A. A. MANTEN

Van Wilhelm von Humboldt, die misschien meer dan enig ander wijsgeer zich heeft bezig gehouden met het wezen van woord en taal, is de uitspraak afkomstig, dat de mens slechts mens is door het bezit van de taal. In de huidige stand van zaken in het onderzoekingsveld van de paleoanthropologie is dit een uitspraak die bijzonder tot nadenken stemt. Naarmate meer fossiele resten van mensachtigen en van hogere apen ontdekt werden en deze overblijfselen gedetailleerd werden onderzocht, kwam steeds sterker de vraag naar voren waar de grens tussen mens en dier dient te worden gelegd. De lichamelijke kenmerken vielen de een na de ander weg. Culturele eigenschappen gingen hun plaats innemen. Het gebruik van werktuigen, de gearticuleerde spraak, het vermogen vuur te maken en te onderhouden, een morele instelling tot de medemens, een zeker religieus besef, gelden nu als kriteria voor het mens-zijn. Het is duidelijk dat voor een paleoanthropoloog deze kenmerken veel moeilijker te hanteren zijn dan de lichamelijke. Slechts langs omwegen kan men soms enig inzicht krijgen in het leven uit het verleden. Soms gelukt ook zelfs dat niet. Anderzijds dienen we in het oog te houden dat ook de huidig geldende kriteria niet absoluut zijn. Ook een mensaap weet soms van een stok als werktuig gebruik te maken. Ook de hogere dieren bezitten een bepaalde vorm van een vokaal kommunikatie-systeem. Het individuele aspekt van de taal Wanneer we het probleem van wat de natuurwetenschap — meer in het bijzonder de paleoanthropologie — kan zeggen aangaande de oorsprong van het menselijk taalgebruik hier nader aan de orde willen stellen, dienen we allereerst stil te staan bij de vraag wat een taal tot menselijke taal stempelt. Daartoe is een nadere ontleding van de taal en het taalgebruik noodzakelijk. Zulk een ontleding werd in 1960 gegeven door Charles T. Hocket, hoogleraar in de linguïstiek en de anthropologic aan de Cornell Uni-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 308 Pagina's

1961 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 262

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 308 Pagina's