1961 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 66
46
A. C. DROGENDIJK
in enkele gevallen verbetering, in andere duidelijke verergering. Verbetering, met name tijdelijk, werd vooral waargenomen bij neurosen en in het algemeen bij die patiënten, wier ziekte alleen in de verbeelding bestond. Voor ons doel is uit dit rapport nog het volgende vermeldenswaard. Behalve bovengenoemd onderzoek van door onbevoegden behandelde zieken, werden nog twee magnetiseurs in de gelegenheid gesteld om „langs physische weg, objectief aan te tonen, dat van hen bijzondere stralingen uitgingen, die — naar zij vernamen — in een ziek lichaam opgenomen, genezing zouden kunnen brengen". Uit de proefnemingen die hieromtrent in de laboratoria van resp. prof. Salomonsen en prof. Julius zijn genomen, kon echter zonneklaar worden aangetoond, dat het beweerde magnetisch fluïdum, objectief althans, niet aanwezig was. Na de tweede wereldoorlog heeft zich de paranormale geneeskunst opnieuw krachtig ontwikkeld. Dit bijkt o.a. uit de in 1948 opgerichte „Nederlandse Werkgroep van Paranormale genezers" (N.W.P.), met het doel om te geraken tot geordende toestanden bij de toepassing van de paranormale geneeskunst en om met name de uitoefening van het heilmagnetisme in betere en wettige banen te leiden. Tevens stelt de N.W.P. zich tot doel het aankweken van belangstelling voor de paranormale geneeswijze en het bevorderen van de bestudering daarvan. Zij baseert zich daarbij op ethische, filosofische en wetenschappelijke opvattingen, maar zij gaat niet uit van een bepaalde dogmatische of ideologische levensbeschouwing of -overtuiging. Tot de N.W.P. kunnen als werkend lid worden toegelaten paranormale genezers van onbesproken gedrag, die bewijzen van hun genezend vermogen kunnen overleggen en die bereid zijn zich aan de controle-voorschriften van de „Commissie voor onderzoek naar de paranormale begaafdheid", alsmede aan de bepalingen van de N.W.P. te onderwerpen. Wat de zojuist genoemde commissie aangaat: deze is op 1 juli 1952 opgericht met het doel om in het algemeen belang toezicht uit te oefenen op de toepassing van de paranormale geneeskunst, zolang de Overheid dit niet tot haar taak rekent. Dit toezicht uitoefenen komt in de praktijk hierop neer, dat deze Commissie de „genezers" controleert en selecteert en zodoende beoordeelt welke van hen „begaafd" zijn. Hiervoor zijn de genezers verplicht voor iedere patiënt een kaart aan te leggen, die na afloop van de behandeling aan de Commissie wordt ingezonden. De Commissie zendt dan aan de patiënt een vragenlijst, die deze ingevuld terugzendt. Blijkt daaruit dat men met een bijzonder
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 308 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 308 Pagina's