1961 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 155
13e SEMAINE D'ÉTUDE DE LA MEDECINE DE LA PERSONNE
123
Hier dringt zich sterk op de vergelijking met de „Anthropologische Medizin" die door v. Weiszacker en meer recent door Huebschmann wordt naar voren gebracht i). Spreker is van mening dat het dualisme een mogelijkheid is om in de feitelijke reahteit van het monisme zich te doen gelden, monisme opgevat als: „Unite structurelle, corps-esprit". Deze laatste gaat oneindig ver uit boven de psychosomatische opvatting van een vv^ederkerige beïnvloeding van psyche en soma. Deze unite heeft te maken met de transcendente zin van het woord „esprit". Er is geen scharnier tussen „organisch" en „psychisch", maar tussen „organo-psychisch" en „spirituel". Hier ligt — meent spreker — het principiële verschil tussen de medecine de la personne en de psychosomatiek. Vervolgens behandelde spreker nog een derde gezichtspunt. „Het lichaam een teken" („sacrement de l'esprit"). Twee facetten kan men hier onderscheiden. Evident is de rol van het lichaam in ons leven en onze gedachten; wij hebben ons humeur door onze levenssappen, men heeft het karakter van zijn klieren, van zijn maag, etc. Ons lichaam is geen instrument, maar is zelf de instrumentmaker, niet het object van het subject. Het lichaam is zoals reeds gezegd een structurele eenheid, niet alleen van organo-psychische aard, maar van psycho-spirituele aard. De inleider sprak hierbij van het „je" dat niet te objectiveren is, maar dat blijft wanneer het „moi" verdwijnt. Le „je" is mijn „permanence dans mon changement". Dit is buiten ruimte en tijd, het is buiten het lichaam. Hierdoor moet men trachten te begrijpen hoe de geest lichaam is geworden, n.l. door incarnatie van l'esprit. „Dat is andere kost dan de psychosomatiek ons opdient", riep de spreker uit. Vervolgens zette hij uiteen, dat het lichaam niet alleen condition is, maar dat het constituerend is (Peguy). a. Het lichaam is mede-ontwerper van het denken. b. Het lichaam is de plaats van mijn individuatie. c. Het lichaam is de plaats van mijn besliste keuze, is het teken van mijn rol in deze wereld. „Zoals mijn houding tegenover mijn lichaam is, zo is mijn houding tegenover de wereld" 2). Het lichaam is het niet waardoor de geest een persoon wordt, maar ^) Zie Huebschmann: Terror und Krankheit, Ministerium Medici no. I, 1960. ^) Vgl. Huebschmann.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 308 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 308 Pagina's