Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1961 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 267

2 minuten leestijd

DE TAAL ALS MENSELIJKE UITINGSVORM

219

In een semantisch kommunikatiesysteem kan het verband tussen een mededeling en de betekenis daarvan al of niet op afspraak berusten. De menselijke taal is gefundeerd op afspraken. Het woord „water" duidt water aan, niet bier of brood. „Walvis" is een kort woord voor een groot dier, „micro-organisme" het omgekeerde. Een afbeelding daarentegen — als voorbeeld van een ander kommunikatiesysteem — lijkt op hetgeen waar de afbeelding naar gemaakt is. Een op afspraken berustend kommunikatiesysteem heeft het nadeel dat het op afspraken berust, maar het grote voordeel dat er geen grenzen zijn aan hetgeen, waarover „gesproken" kan worden. Onderscheid. Niet alleen een visueel onderscheidingsvermogen is een noodzakelijke voorwaarde voor de ontwikkeling van een taal, maar ook auditief dient de taalgebruiker onderscheid te kunnen maken. De menselijke stem kan een verbazingwekkende grote verscheidenheid aan geluiden voortbrengen. Doch iedere taal gebruikt daarvan maar een klein aantal. Desondanks heeft de wijze waarop de klanken gerangschikt worden een absolute inhoud. „Huis" en „muis" verschillen slechts in geringe mate. Maar zelfs als de eerste klank onduidelijk uitgesproken wordt, zullen maar weinig toehoorders de spreker misverstaan, doordat het woord meestal geuit wordt in een zeker verband. Doch het onderscheid dat gemaakt wordt reikt nog dieper dan dat. Een woord kan op luide toon geproduceerd worden, zoals bij kwaadheid of in angst, maar ook fluisterend uitgesproken worden bij een vertrouwelijk onderhoud. Ook bij dieren bestaat er een zeker onderscheid in de wijze waarop klanken worden gekombineerd en geproduceerd. Ik denk hier aan de waarnemingen van prof. Konrad Lorentz inzake de lokroepen van ganzen. Als de ganzen rusten, grazen of langzaam voortlopen brengen zij van tijd tot tijd het bekende zachte, snelle ganzengesnater ten gehore, dat door de meetrillende sterke boventonen merkwaardig gebroken, zes- tot tienlettergrepig klinkt. Hoe meer lettergrepen het gegakker heeft, des te hoger en zachter klinkt het. Het drukt dan een algemeen gevoel van welbehagen uit. Naarmate het verlangen van plaats te veranderen opkomt en in sterkte toeneemt wordt het aantal lettergrepen kleiner, de hoge tonen verdwijnen en het gesnater wordt luider. Hier dient echter opnieuw de aantekening te worden gemaakt dat het dier zijn geluiden onbewust produceert en opvangt, doch dat de mens dit bewust doet.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 308 Pagina's

1961 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 267

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 308 Pagina's