Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 41

3 minuten leestijd

BIJBEL EN NATUURWETENSCHAP OVER HET VERLEDEN

29

de Schepper aangesproken in Zijn Woordopenbaring, waar zijn vraag hem ongevraagd beantwoord wordt. Maar op gezag van datzelfde Woord gelóven wij ook een Scheppingsopenbaring die zich voltrekt in het tijdelijk wordingsproces waarin de mens in de historie Gods medewerker is. Zo gelóven wij de perspecuitas van de Schrift en daarmee ook de perspecuitas van de Schepping. Ook al belijden wij daarnaast dat onze kennis altijd creatuurlijke, menselijke kennis blijft. Partiële kennis, „wij kennen ten dele", zeker, maar ook sufficiënte kennis, wij weten voldoende. Voldoende om ook in deze tijd efficient te getuigen op de historische plaats waar wij werden gesteld ook ten aanzien van het geschapen verleden dat in de weg der menselijke natuurwetenschap ons ontsloten werd. Dat alles is zaak van gelóóf dat ook de behandeling van het materiaal dat vandaag op onze werktafel ligt, fundamenteel beheerst. Dat materiaal is anders dan 100 of 200 of ook 1000 jaar geleden en déze werkelijkheid vraagt erkenning juist in de christelijke gemeenschap die nooit in de gebruikelijke zin van het woord conservatief of reactionair zal mogen zijn. Met wat de natuurwetenschap vandaag over het verleden te zeggen heeft liggen er nog wel wat vragen voor de Schriftgelovige christenheid, vragen die direct verband houden met de exegese van de Bijbel. Zeer fundamentele vragen omdat ze juist de eerste hoofdstukken betreffen waar het gaat over de éérste dingen. De eerste dingen die overigens volgens het Bijbels getuigenis zelf nooit losgemaakt kunnen worden van het „midden", van onze Here Jezus Christus, of van de laatste dingen, dat is de, en ook Zijn, toekomst. Als het gaat om de exegese van Genesis 1, 2 en 3 bijvoorbeeld dan lopen de antwoorden in christelijke kring zeer ver uiteen. Wie de exegeet Barth met de exegeet Aalders vergelijkt of ook de dogmaticus Barth met de dogmaticus Schilder, die wordt grondig overtuigd dat het hier om allesbeheersende vragen gaat met betrekking tot themata als „Christen en cultuur", „geloof en wetenschap", „in de wereld maar niet van de wereld", kortom vragen waarbij de inhoud van heel ons geloven en belijden als reformatorische christenen in geding is. Wie van de diepte van die vragen iets gezien heeft zal wel zeer voorzichtig te werk moeten gaan voor hij bijvoorbeeld over een gereformeerde synode als die van Assen 1926 zijn eindoordeel uitspreekt. Maar juist daarom zullen de Gereformeerde Kerken bereid moeten zijn om ook deze Synode en haar overwegingen opnieuw

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's

1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 41

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's