Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 57

3 minuten leestijd

BIJBEL EN NATUURWETENSCHAP OVER DE TOEKOMST

41

wereld. Het rijk van God is niet Godzelf (Ruusbroec), maar dat zijn wij. Men zou de waarheid van de schepping al moeten schrappen, als men deze stellingen zou willen ontkennen. De waarheid van de schepping houdt immers in, dat deze wereld niet van ons is, ook niet van de duivel, er ook niet zo maar is, maar dat zij Gods wereld is — en God geeft het zijne niet prijs. Ook de woorden, die in de bijbel gebruikt worden, om het eschaton aan te duiden, wijzen daarop. Ik denk aan woorden als: anakephalaioosis (recapitulatie, onder één hoofd brenging, letterlijk optelling) — apokalupsis (openbaring, onthulling) — crisis (gericht, oordeel) — teleioosis (volmaking) — sunteleia (voleinding). Wat wordt opgeteld, onthuld, geoordeeld, volmaakt, voleind, verheerlijkt? Daarop is maar één antwoord: dit, wat wij hier en nu, in het historisch proces, zijn en doen. Als ik in de eeuwigheid kom, dan ben ik maar in één ding geïnteresseerd, ik wil dan eindelijk eens de eeuwige dingen gaan aanschouwen, desnoods (bij gebrek aan de eeuwige ideeën van Plato) alleen maar God; maar God is dan nog steeds alleen maar in de tijdelijke dingen geïnteresseerd. Hij vraagt mij (o.a.) in het gericht: vadertje, wat heb je met m'n wereld gedaan? Hier ligt een zuivere tegenstelling tussen het platonische en het christelijke denken. Platonisch keert de eeuwigheid in de tijd terug, in de vorm van de anamnese, en dat is de enige heerlijkheid van de tijd. Christelijk keert de tijd in de eeuwigheid terug, in de vorm van het heil, en dat is (althans voor ons) de enige heerlijkheid van de eeuwigheid: wij — dat wil zeggen: dit stuk gevulde tijd, dat wij zijn — wij zijn verlost! Daarom worden ons ook alle tranen van de ogen gewist, namelijk die we hebben geschreid in en over de tijd: het was alles heerlijkheid (ook het leed? ook de zonde?). Zo nemen we in het eschaton de hele historie mee. Een zijprobleem is dat van de tussentijd. Wat gebeurt er met me na de dood en voor de jongste dag? De schoolmeester in me zegt: dat is geen probleem, want dat „na" en „voor" zijn valse praeposities; het gaat over de eeuwigheid, daar vallen die onderscheidingen van de tijd weg. Hoe een schoolmeester toch zo listig en scherpzinnig kan zijn! Maar hij knoeit ook, door zo alles weg te wissen. De dichter in me zegt: toch is het een probleem; doodgaan doe ik op m'n eentje; en het gaat om de wereld; die is nog steeds niet in alle openbaarheid verlost; hoe zou ik dan totaal verlost zijn? De theoloog in me komt tussenbeide en zegt: laat ik een nieuw plaatje op tafel leggen; in die tussentijd word ik zolang bewaard in de hemel (en in het graf); daar is Christus trouwens

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's

1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 57

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's