1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 91
BIJBEL EN NATUURWETENSCHAP OVER DE TOEKOMST
71
heden totaal onderscheiden zijn. De teruggang van de mortaliteit is voornamelijk aan de bemoeiing der medici te danken, wier hulp en bijstand ieder individu uit puur zelfbehoud gaarne zal aanvaarden. Daarentegen is het aantal geborenen de algebraïsche som van evenveel voorafgaande en praktisch onafhankelijke wilsuitingen, zodat een daling van de vruchtbaarheid de psychische beïnvloeding van de gehele bevolking of een deel daarvan impliceert. En men gevoelt terstond, dat het resultaat van zulk een streven in het algemeen niet bijster groot zal zijn. Sedert de oorlog zijn vooral in de Angelsaksische landen zeer veel publicaties met betrekking tot de vooruitzichten van de wereldbevolking in de openbaarheid gebracht en bij verreweg de meeste schrijvers is een ondertoon van bezorgdheid te bespeuren, waarbij de een de grote gevaren van een onoordeelkundig bodemgebruik in het licht stelt, terwijl de ander de explosieve aanwas van de mensheid als hoofdthema hanteert (16). Deze vraagstukken rijzen evenwel in een wereld, die na twee vernielende oorlogen andermaal onder hoogspanning staat, zodat op doeltreffende activiteiten ter oplossing van „bijkomstige" problemen nauwelijks mag worden gehoopt. Doch ook afgezien van internationale spanningen valt niet te ontkennen, dat de opheffing van de onontwikkelde gebieden in het algemeen en van Azië in het bijzonder een gigantische taak is, waarbij minder dan twintig procent van de mensheid de zorg voor de resterende tachtig procent op zich dient te nemen. Hierbij voegt zich trouwens terstond een ander bezwaar. Het zijn de westerlingen, van wie educatieve talenten worden gevraagd, enerzijds om de zo gewenste bodemcultuur te bevorderen en anderzijds om met betrekking tot een meer verantwoorde vruchtbaarheid van voorlichting te dienen. Doch ter vervulling van dergelijke delicate opdrachten is een instelling vereist, die niet strookt met de occidentale nuchterheid en voortvarendheid. Vooral over de noodzakelijkheid van een regionale of alomvattende daling der geboortefrequentie wordt door onderscheidene publicisten geschreven op een wijze, die wel zeer sterk de indruk wekt, dat men zich de buitengewone zwaarte van het vraagstuk niet of nauwelijks voor ogen heeft gesteld. En juist de ondervinding in de westelijke landen zou tot een diepere bezinning kunnen voeren; wij weten immers, dat de fertiliteit eerst pleegt terug te lopen, wanneer een volk een zekere economische welvaart heeft bereikt. Men overdrijft zelfs niet door te stellen, dat tussen welvaartsniveau en kindertal een nega-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's