1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 235
IN MEMORIAM W. T. P. NIJENHUIS ARTS TE SCHIEDAM geboren 24 oktober 1908, overleden 28 augustus 1962
Heel onverwachts is uit ons midden weggenomen ons medelid en onze vriend Wietse Nijenhuis. Tijdens onze studie in Amsterdam is een vriendschap ontstaan waaruit ook later na het divergeren van onze werkkringen een band bleef bestaan. Op 16-jarige leeftijd begon hij een succesvolle studie in de geneeskunde, waarbij al spoedig naast zijn scherpe intelligentie, zijn grote nauwkeurigheid bij het onderzoeken van patiënten en zijn belangstelling voor de „gehele mens" opviel. Daarnaast was hij een actief lid van S.S.R. Als praeses der afdeling Amsterdam stelde hij de echt Christelijke principia ook in het studentenleven primair, terwijl hij daarbij ook een brede belangstelling voor anderer levensbeschouwing toonde en op vlotte en onderhoudende wijze hierover kon spreken en debatteren. Het was dan ook niet te verwonderen dat hij huisarts is geworden en gebleven. De reeds uit zijn studententijd bekende eigenschappen stempelden hem tot een voortreffelijk geneesheer, die hoge ethische normen hanteerde en in iedere patiënt de „mens" zag. Hoe diep was hij gegriefd toen in een radiokerkdienst een predikant zich laatdunkend uitliet over de behandeling van „de fondspatiënt". Hoe waardig was zijn krachtig protest (Geloof en Wetenschap, november 1947). In de Christelijke Vereniging van Natuur- en Geneeskundigen heeft hij als secretaris van 1948—1952 en als bestuurslid van 1954—1958 (waarvan ook 1 jaar secretaris) een belangrijke positie ingenomen. Hij notuleerde niet alleen zorgvuldig, maar hield ook een lezing „Van Charcot tot Jung" (1951) waaruit bleek hoe groot zijn belangstelling was voor de dieptepsychologie en de behandeling van neurotische klachten. Ten slotte wil ik nog vermelden zijn bijdrage in het nummer van G. en W. van januari 1958 handelend over de Christenarts aan het sterfbed, waarin hij de taak van predikant en dokter tegenover elkaar afgrensde en op fijngevoelige wijze zijn eigen benadering van de doodzieke patiënt beschreef. In deze dokter waren geloof en medisch denken geïntegreerd tot een eenheid, waarnaar zo velen zoeken. Onwillekeurig denken we hoeveel deze man nog had kunnen be-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's