Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 156

3 minuten leestijd

116

A. L. JANSE DE JONGE

steld heeft en hoe zich in de vervolging van Servet deze worsteling op ernstige wijze manifesteerde. Ook bij Paracelsus vindt men een dergelijke tweeslachtige houding. Enerzijds poogt hij de hem bekende ziektebeelden op het gebied van de psychiatrie te herleiden tot natuurlijke oorzaken, anderzijds vinden wij in zijn studie „Von den unsichtbaren Krankheiten", gesclireven in 1531, zeer weinig terug van de chemie of van een medische beschrijving der symptomen en komt het demonologische aspect weer veel sterker naar voren. Het boek is het werk van een mystieke filosoof en het blijft een interessante vraag of de talrijke antinomieën in de opvattingen van Paracelsus gezien moeten worden als een teken van die tijd, dan wel verklaard moeten worden uit een innerlijke verwardheid en inconsequentie van de schrijver zelf. Dit alles in het kort ter inleiding van een andere figuur uit wat lateren tijd, de Bazelse arts Felix Platter (zie fig. 1). Deze Zwitser is steeds bekend gebleven in de geschiedenis der geneeskunde door zijn werk op tweeërlei gebied van dit vak. Velen kennen hem als een ijverig anatoom en als zodanig wordt hij dan ook meestal herdacht. Platter treedt echter aan het begin van de 17e eeuw ook naar voren met een nieuwe poging de geestesziekte te doorgronden. In zijn werk „Praxis Medica", dat uit het begin van de 17e eeuw dateert (1602), ruimt hij een belangrijke plaats in voor een bespreking van de psychiatrische ziektebeelden. Het blijkt dat hij een sterke persoonlijke belangstelling had voor de geesteszieken. Deze belangstelling ging zover, dat hij zich op liet sluiten in het gezelschap van deze patiënten, teneinde een beter inzicht in hun gedragingen te krijgen. Ik kom op de indeling van de geestesziekten die hij gegeven heeft nog nader terug. Hier kan reeds gezegd worden dat ook hij zich niet ontworstelt aan de tegenstelling van natuurlijke en boven" natuurlijke oorzaken en dat hij in vele opzichten nog met middeleeuwse gedachten vervuld is. Enige tijd later (1614) verscheen in Engeland voor de eerste maal het beroemd geworden boek van Robert Burton „The anatomy of melancholy", waarin eveneens op een zeer curieuze wijze natuurlijke en bovennatuurlijke oorzaken vermengd worden. Het werk van Burton kan gezien worden als een van de eerste compilaties, waarin het volledige materiaal over bepaalde vormen van geesterziekten op interessante wijze is samengevat. Ook uit andere gegevens uit die tijd blijkt wel dat de eerste helft van de 17e eeuw zich nog niet ontworsteld heeft aan de hierboven genoemde dualiteit in de opvattingen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's

1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 156

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's