Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 92

2 minuten leestijd

72

J. P. VAN ROOIJEN

tieve correlatie bestaat. Maar ook deze regel gaat niet steeds op, want na het bereiken van een genoegzaam hoge welvaart ziet men menigmaal de progenituur weer toenemen, waaromtrent de Verenigde Staten in deze tijd een merkwaardig voorbeeld doen zien (17). Trouwens, de Nederlandse statistieken van recente datum wijzen ook te onzent in de richting van een verhoogde vruchtbaarheid. Natuurlijk mag men niet alle fluctuaties van het geboortepeil uit economische motieven verklaren; men zou een volk zelfs gelukkig kunnen prijzen, indien deze beweegredenen pas op de tweede plaats kwamen. Het is intussen onze taak niet om de achtergronden van wisselingen in het nataliteitspeil na te speuren, ofschoon wij er in elk geval niet aan behoeven te twijfelen, dat een eventuele verhoging van de welvaart in de onontwikkelde gebieden tot een daling van de fertiliteit zal leiden (18). Het is overigens zeer de vraag, of deze processen gelijktijdig zullen verlopen; in de westerse landen, en speciaal in Nederland, heeft men althans kunnen constateren, dat de teruggang van de vruchtbaarheid met een duidelijke vertraging op de welvaartsontwikkeling volgt Daarbij voegt zich intussen nog een demografisch motief van hoog belang. Sedert de oorlog is de wereldfertiliteit bijzonder hoog, terwijl de zuigelingensterfte gedurig afneemt; aldus behoudt de mondiale bevolking een overwegend jeugdige leeftijdsopbouw en hiervan is weer het gevolg, dat het voor de aanwas beslissende geboortecijfer vooralsnog hoog zal zijn, al zou de vruchtbaarheid zelf om welke oorzaken ook een regressie vertonen. Juist onder deze omstandigheden lijkt het te meer voorbarig om op de mogelijkheden omtrent een daling van het nataliteitsniveau op korte termijn een zekere nadruk te leggen. Het is noodzakelijk om de impulsen, die het demografisch wereldgebeuren voortstuwen, nauwgezet te blijven volgen, opdat wij behoed worden voor de banale overweging, dat de aarde een genoegzame ruimte bevat om nog een grootse uitdijing van de mensheid op te vangen. Op dit moment is zulk een bewering volkomen juist; zodra men evenwel zijn gedachten over de ingrijpende wijzigingen laat gaan, die door de universele activiteiten ten gunste van een definitieve sterftedaling werden ingeluid, rijst terstond de vraag, of tegen het midden van de volgende eeuw hetzelfde gevoelen ten aanzien van de ter beschikking staande ruimtezee nog overheersen kan. Hoe dit overigens zij, omtrent de toenemende densiteit van de wereldbevolking zal wel geen verschil van mening bestaan. En ook te dien opzichte is er stellig aanleiding voor menigvuldige overleggin-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's

1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 92

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's