Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 181

2 minuten leestijd

CONTRA NATURAM

139

met eens anders vrouw (hetgeen dus in geen geval op tempelprostitutie kan wijzen). In hoeverre nu de caesuur tussen een verbod en ethische veroordeling enerzijds en een strafrechtelijke sanctie anderzijds nu zo willekeurig is, als de geleerde schrijver het doet voorkomen, moge in het midden worden gelaten i). Het komt mij voor, dat men er toch moeilijk aan kan voorbijgaan, dat hier van de homosexuele gemeenschap gezegd wordt: het is een gruwel. Te geloven dat dit in de Nieuw-Testamentische bedeling plotseling geheel anders zou zijn, is wel veel gevraagd van den eenvoudigen Bijbellezer. Over de bestialiteit zwijgt, voor zover ik weet, het Nieuwe Testament. Kan men nu zeggen, dat het twijfelachtig is, of deze vorm van ontucht tegen een Bijbelse achtergrond ontoelaatbaar is? En de necrophilie dan, die in de gehele Bijbel niet wordt genoemd? Intussen — voor de homosexualiteit is Ridderbos ook met het Nieuwe Testament niet zo maar klaar. Men leest immers in Romeinen 1 : 26, 27: „Daarom heeft God hen [de heidenen] overgegeven aan schandelijke lusten, want hun vrouwen hebben den natuurlijken omgang vervangen door den tegennatuurlijken. Eveneens hebben de mannen den natuurlijken omgang met de vrouw opgegeven, en zijn in wellust voor elkander ontbrand, als mannen met mannen schandelijkheid bedrijvende....". Men zou zo zeggen, als Paulus, als de Bijbel nu ergens duidelijk is, dan is het hier. Maar neen, weer wordt voorzichtig de gedachte naar voren geschoven, dat hier vooral de „pseudo-homosexuelen" zouden zijn veroordeeld en niet de echte, die den natuurlijken omgang met de vrouw als „tegennatuurlijk" ondervinden. „Wat moet dan praevaleren: de lichamelijke of de psychische structuur"? Voorts wordt ook hier weer de mogelijkheid van alleen een veroordeling van cultische ontucht geopperd. Het is wel zeer nodig, dat spoedig duidelijk worde, of Ridderbos voor zijn exegetische beschouwingen steun vindt bij Gereformeerde theologen. Laat ons hopen, dat zij niet te lang blijven zwijgen. Voor den onbevangen leek, die opgevoed is bij het leerstuk van de perspicuitas (duidelijkheid) van de Bijbel, lijkt het, alsof Ridderbos bij zijn uitlegkundige manoeuvres geleid wordt door een verlangen om op Bijbelse gronden den pastor de mogelijkheid te bieden gelijkgeslachtelijke handelingen van „echte" homosexuelen onder zekere voorwaarden goed te kunnen keuren. ^) Zie ook: P. J. Verdam: Toepassing en bestudering van mozaïsch recht in de loop der eeuwen. Referaat voor de Vrije Universiteit 1956.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's

1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 181

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's