1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 185
CONTRA NATURAM
143
schrijver zich zelf ook sterk aan onbewezen veralgemeningen te buiten gaat. In zijn conclusie schrijft hij bij voorbeeld: „De homosexuele man of vrouw is „ni ange ni béte", hij is geen gevaar voor de samenleving, geen belager onzer kinderen, geen wellusteling, geen zedenbederver, geen stakkeid en geen underdog. Ons past daarom geen generaliserend oordeel over mensen, die door hun bijzonderheid in een spanningssituatie verkeren". Men zou zich kunnen afvragen, of de auteur in de eerste zin, zoals hij het stelt, zich zelf niet schuldig maakt aan een generalisatie, die hij in de tweede veroordeelt. Blijkbaar heeft de auteur zich zo ver van zijn eigen vak willen distantieren, dat hij alleen denkt, aan wat hij noemt; „de normale, aangepaste en volledig in het sociaal-economische leven staande homosexuele man of vrouw", „en dat is natuurlijk het meiendeel van hen". Maar evenmin als iemand, die, over de maatschappelijke aspecten van de (hetero-) sexualiteit schrijvende, kan vooibijgaan aan de prostitutie en de ongezonde prikkeling der sexualiteit m film en lectuur, evenmin kan men, handelende over de maatschappelijke aspecten van de homosexualiteit alleen over de aangepaste homosexuelen spreken, die misschien toch zeldzamer zijn, dan de schrijver vermoedt. Er zal dan toch althans iets gezegd moeten worden over het ernstige gevaar, dat de homosexualiteit voor iedere samenleving betekent. Er zijn wèl homosexuelen (laat ons over de frequentie niet twisten), die belagers van kinderen zijn en een gevaar zijn voor hun ziel, hun lichaam en soms zelfs voor hun leven. Niet voor niets gevoelt de politie zich herhaaldelijk, na afschuwelijke gebeurtenissen, geroepen ouders te waarschuwen i). De homosexualiteit is, maatschappelijk gezien, m i. een hoogst verontrustend verschijnsel. Voortdurend woidt er een onverholen en zedenkwetsende progaganda voor gemaakt, gezien de soms geïllustreerde lectuur, die men ongevraagd in zijn brievenbus vindt. Men name in de grote steden bloeit de homosexualiteit. De buitenman, die Amsterdam bezoekt, behoeft maar in een taxi te stappen om een ^) Over misdrijven, verband houdende met homosexuahteit, zie het hoofdstuk Juridische en sociale aspecten m West, op cit., waar ook het „zedenschandaal" in Nederlandsch-Indie (1938) vermeld wordt. Men hermnere zich de afschuwelijke moord van voor enige jaren op een 15-jarig slagersknechtje, dat m de Blijdorper polder bij Rotterdam werd doodgestoken omdat hij niet langer aan de homosexuele verlangens van den moordenaar wilde toegeven.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's