1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 39
BIJBEL EN NATUURWETENSCHAP OVER HET VERLEDEN
27
het „mindere" wat we nu nog in het laboratorium kunnen onderzoeken en het „meerdere" dat vroeger aanwezig was. Zo niet in het evolutieproces van planten en dierenrijk waar we steeds weer met ander materiaal te maken hebben. En dat betekent een zeer beperkte waarde van het biologisch experiment dat zich vanzelfsprekend van recent materiaal moet bedienen, voor een evolutieproces dat zich millioenen jaren geleden voltrok. Het organisch evolutieproces onttrekt zich daardoor ook op veel fundamenteler wijze aan het experiment dan b.v. de fysisch-chemisch gequalificeerde tektonische processen. De gebondenheid van onze menselijke wetenschappelijke kennismogelijkheden aan de ervaring in het stadium der scheppingsontplooiing waarin wij geplaatst zijn komt onder meer tot uiting wanneer men in evolutionistische theorieën poogt alle organismen genetisch met elkaar tot één grote stamboom te verbinden. Dergelijke pogingen zijn principieel speculatief. Het éne bouwplan openbaart zich wel na het andere in de individuele fossielen in de opeenvolging der sedimentgesteenten naar het criterium op grond waarvan wij tot een genetische verwantschap van individuen kunnen concluderen is juist de structurele constantie die zich binnen onze ervaringshorizon bij verwante levende organismen openbaart. Immers, het criterium op grond waarvan wij tot genetische verwantschap kunnen concluderen is in het fossiele materiaal slechts de meetbare intraspecifieke variabiliteit, die echter alleen op basis van een zelfde bouwplan der individuen gemeten kan worden. Wanneer zich echter in een individu een nieuw structuurtype openbaart, dat uiteraard niet door continue overgang in variabele kenmerken aan subjecten tot een ander te herleiden is, dan vervalt tegelijkertijd dit enig criterium dat wij op grond van onze ervaring voor een genetische relatie kunnen aanleggen. Dat betekent natuurlijk niet dat wij een geschapen evolutie loochenen; het gaat hier over de grenzen der wetenschap. Het kan overigens niet mijn bedoeling zijn binnen het kader van dit opstel een fundamentele critiek te leveren op verschillende vormen van evolutionisme, maar ik heb slechts enkele voorbeelden willen aanstippen om te illustreren waar en op welke gronden betrouwbaar over het geologisch verleden gesproken kan worden en waar de vakwetenschap ophoudt en speculatieve filosofie begint. De natuurwetenschap spreekt vervolgens ook een woord mee over het verleden van de mens. Mede als resultaat van natuurweten-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's