Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 85

2 minuten leestijd

BIJBEL EN NATUURWETENSCHAP OVER DE TOEKOMST

65

de regel geen uitzondering, dat de afbraak zich in een kort tijdsbestek aftekent, terwijl met de wederopbouw eeuwen zijn gemoeid (4). En zodra wij over eeuwen spreken, dringt als vanzelf het veelomvattende vraagstuk nopens de zich schier explosief uitbreidende mensheid naar voren. Daaraan zullen wij in dit verband dan ook bijzondere aandacht moeten wijden. ledere waarnemer, die de ontwikkeling in de natuur nauwlettend gadeslaat, wordt voornamelijk door een tweetal indrukwekkende tendenties getroffen: enerzijds onderkent hij een machtige drang om ten behoeve van de levende schepping een zuiver evenwicht te bewaren of te herstellen, en anderzijds bespeurt hij een rusteloos streven om uit de bonte verscheidenheid een harmonisch geheel te doen geworden. Het zijn juist deze „boeken der natuur", die de van God vervreemde mens voor raadselen plaatsen, doch tegelijk de schriftgelovige tot een lofprijzing opheffen jegens de almachtige God, die hemel en aarde heeft geschapen en sindsdien door Zijn voorzienigheid behoudt en regeert. Ontegenzeggelijk stond de mensheid niet buiten de natuurlijke drang tot conservering van een evenwichtssituatie. De vruchtbaarheid was op de uitbreiding gericht, terwijl de sterfte het tegengestelde effect teweegbracht. En eeuwenlang schommelde de balansnaald om de evenwichtsstand, zij het dan met een zichtbare neiging naar de schaal der vermenigvuldiging. Gedurende rustige tijdperken in de geschiedenis van stammen en volken werd de sterfte in het algemeen door de geboorte overtroffen, zodat de desbetreffende gemeenschappen een vrij aanzienlijke uitbreiding konden ondergaan; daarentegen stonden evenwel jaren of reeksen van jaren, waarin oorlogen, epidemiën of natuurrampen de mortaliteit tot zulk een excessieve hoogte deden stijgen, dat de als immer aanzienlijke nataliteit ten achter bleef, zodat een getalsvermindering resulteerde. Hoe frequent dergelijke catastrofen oudtijds ook waren, nochtans behielden de adempauzen met een duidelijk geboortesurplus de overhand en aldus kan men omtrent het verleden stellen, voor zover dan langere termijnen in ogenschouw worden genomen, dat de condities voor een zeer matige uitbreiding van de wereldbevolking vervuld waren. De cijfers zijn met het voorgaande in algehele overeenstemming. Ofschoon men begrijpelijkerwijze ten aanzien van de omvang der mensheid rondom het begin van de christelijke jaartelling in het onzekere verkeert, schat men dit aantal in het algemeen op 150 miljoen;

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's

1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 85

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's