1962 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 255
AFSTANDEN, TUSSENPOZEN EN VOORVALLEN
203
een imaginaire afstand nog af-„beelden" wil noemen) enerzijds, en de X, y en z-as anderzijds, blijft echter onverminderd gehandhaafd. Hetgeen in het voorgaande gezegd is, omtrent de niet-omkeerbaarheid van de successie, in tegenstelling tot de wederkerigheid van de juxtapositie, blijft dus ook onverminderd van kracht. 12. Aan de complexe vier-dimensionale (u, x, y, z)-„ruimte" is door Minkowski de naam „vier-dimensionale Welt" gegeven, terwijl „lijnen" die daarin de beweging van een massa-punt of van een signaal af„beelden", door hem als „Weltlinien" werden aangeduid. Vermoedelijk hebben deze suggestieve benamingen veel bijgedragen tot de misvatting, dat volgens de relativiteitstheorie de tijd als een vierde ruimtelijke dimensie zou mogen worden opgevat en het lijkt wel zeker, dat Minkowski's veel geciteerde uitspraak „Von Stund an sollen Raum für sich und Zeit fur sich vóllig zu Schatten herabsinken und nur noch eine Art Union der beiden Selbstandigkeit bewahren" de verbreiding van deze misvatting sterk in de hand heeft gewerkt 14). Tot een versmelting van tijd en ruimte kan op grond van de relativiteitstheorie echter niet worden besloten, wel tot een nauwe samenhang tussen de metriek van de ruimte-orde en de metriek van de tijd-orde, zodat terecht van een chrono-geometrie mag worden gesproken. Eigenlijk was dat in de klassieke physica ook reeds het geval, immers, zoals wij zagen, was de definitie van gelijke tussenpozen via de idee van de gelijkmatige beweging, gebaseerd op die van gelijke afstanden. Voorts moest de fictie van de oneindig grote causaal-snelheid dienen om aan het begrip gelijktijdigheid physische inhoud te geven. De relativiteitstheorie laat deze fictie varen — daartoe door de experimentele gegevens gedwongen! — en voert het principe van de invariantie van een werkelijk in de natuur voorhanden en meetbare snelheid, de lichtsnelheid, in. Dit principe, dat bij het eerste horen gewoonlijk nogal bevreemding wekt, wordt misschien eerder aanvaardbaar als men bedenkt dat de lichtsnelheid ook gezien mag worden als de constante verhouding tussen de golflengte en de periode van de zich voortplantende lichtgolf. De golflengte is de afstand tussen de opeenvolgende plaatsen waarop men op eenzelfde tijdstip gelijke „phasen" (licht-toestanden)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 350 Pagina's