Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1963 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 216

2 minuten leestijd

174

L. BOSCH

de cel-differentiatie bij verdergaande deling. Dit betekent, dat het in vele gevallen erg moeilijk is vast te stellen, of een verandering te danken is aan de wijziging van de erfsubstantie, dan wel veroorzaakt wordt door een gewijzigde expressie van bepaalde genen. Interactie tussen het genetisch apparaat en invloeden van buiten af zijn geconstateerd bij een grote verscheidenheid aan organismen en interessante onderzoekingen zijn verricht met ééncelligen, zoals het pantoffeldiertje, doch ook met plantaardige organismen, zoals b.v. mais. In het bijzonder bij bacteriën vindt men een nauw luisterend mechanisme dat in dit verband onze aandacht verdient, daar het op bijzonder doelmatige wijze de synthese van enzymen regelt. Men onderscheidt twee gevallen: enzym-inductie en enzym-repressie. Bij repressie wordt de synthese van een bepaald enzym door toevoeging van een laag-moleculaire component aan het medium onderdrukt. Zo stopt de synthese van het enzym tryptophaan-synthetase in colibacteriën, zodra men tryptophaan aan het medium toevoegt. Aangezien de cel het tryptophaan kant en klaar gepresenteerd krijgt, is de aanwezigheid van het tryptophaan-synthetiserende enzym overbodig geworden. Inductie daarentegen is het proces, waarbij de synthese van een enzym juist aan de gang wordt gebracht door een laag-moleculaire component. Voorbeeld is de synthese van het enzym yS-galactosidase, dat door coli praktisch niet wordt gemaakt, tenzij een yS-galactoside aan het medium wordt toegevoegd. Met de bestaande enzym-uitrusting is de bacterie niet in staat een ,0-galactoside om te zetten en te benutten. Toevoeging van een galactoside aan het medium induceert derhalve het benodigde enzym. De effecten zijn zeer specifiek en illustreren de efficiëntie waarmee de cel zich aan wisselende omstandigheden in het milieu aanpast. Zowel inductie als repressie zijn door Jacob en Monod, onderzoekers uit het Institut Pasteur te Parijs, verklaard op basis van een gemeenschappelijk mechanisme. Het meest essentiële van hun concept is het postulaat van een nieuwe klasse van genen. Deze genen zijn niet verantwoordelijk voor de structuur van een eiwit, maar hebben daarentegen een regelende functie. Zij worden regulator-genen genoemd, in tegenstelling tot de z.g. structurele genen waarvan de DNA-samenstelling de structuur van het corresponderende eiwit bepaalt. Het bewijs voor het bestaan van regulator-genen rust in wezen op genetische experimenten, die ik hier geheel terzijde wil laten. Een heel belangrijk element in de theorie van Jacob en Monod

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1963

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 322 Pagina's

1963 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 216

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1963

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 322 Pagina's