1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 26
10
F. J. TOLSMA
In de basis-structuur van het gezin is weinig veranderd. Slechts de psychotische verschijnselen zijn verdwenen en gevaar voor een nieuw delict lijkt niet aanwezig. De familie denkt anders dan wij, maar de psychiater spreekt niet meer van waandenkbeelden, hoogstens van overwaardige ideeën; zo is de familie bijv. sterk gekant tegen inenting. Het is zelfs zo, dat een opname in de kliniek — met een jarenlange verpleging van de beide broers, die we de geestelijke leiders zouden kunnen noemen — de laatste sporen van het pathologische systeem heeft uitgewdst. De familie is een ervaring rijker geworden, zij het ook een pijnlijke. Maar de inductiepsychose kan ook buiten de boorden van het gezin optreden, binnen de beslotenheid van een Katwijkse logger, of van een dorpsgemeenschap (Appeltern). Niet zelden vindt zij haar bodem in de landschappelijke ruimte (Strausz), waar slechts de horizon wijd is, maar de andere dingen klein en bekrompen. Toch worden deze laatste vormen steeds zeldzamer. Na de geschiedenis van Meerkerk, is in Nederland nog één geval van groepsvorming bekend, waarbij mogelijk pathologische, waanachtige elementen een directe rol spelen. Ik denk hierbij aan „Lou de Palingboer", die zich al of niet oprecht Christus waant, doch in elk geval door een aantal aanhangers als zodanig geaccepteerd wordt. Zo heeft de inductiepsychose een duidelijk tijds-aspect. Ze is verweven met de gang der historie, en haar mogelijkheden worden mede bepaald door de ontwikkeling der psychiatrie. Hoewel de stelling geldt, dat bij de inductie de inhouden een secundaire rol spelen, ziet men toch dat de heilsverwachting een essentiële betekenis heeft. Deze draagt in een kleine groep (bijv. folie a deux) een geseculariseerd karakter. Bij „grotere" bewegingen, heeft ze niet zelden een specifiek religieuze betekenis, met als doel het stichten van een conflictloze, spanningloze gemeenschap, „de gemeente zonder vlek of rimpel". Aanvankelijk draagt een groep meestal een open karakter naar buiten, de groep neigt tot expansie, de denkbeelden worden uitgedragen, en krachtig wordt gestreefd naar realisatie hiervan. Maar reeds spoedig duiken de weerstanden van buiten op en een afkapseling treedt op, op soortgelijke wijze als dit bij de individuele waanlijder het geval is. De groep, verstard tot secte, neemt een egelstelling in, zij trekt zich als een slak in een slakkenhuis terug, kruipt in haar schulp, omdat alle mogelijkheden tot export afgesneden zijn, terwijl ook hier een dissimulatie zijn intrede doet.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's