Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 310

2 minuten leestijd

258

G. J. SIZOO

doen inzien en die mij zelf pas definitief van de neiging daartoe hebben bevrijd. Laat ik hier tenslotte nog aan toevoegen dat op twee speciaal aan deze onderwerpen gewijde vergaderingen van de professorenkrans een openhartige gedachtenwisseling in collegiale verstandhouding mogelijk bleek, en dat het verschijnen van mijn boekje over Radioactiviteit geen aanleiding was tot verontruste reacties. Maar dan haast ik mij ook, bij U de indruk weg te nemen, dat dit soort zaken in de eerste jaren van de faculteit het grootste deel van onze tijd en aandacht in beslag namen. Want dat was waarlijk niet het geval. Onze primaire taak was een universitaire opleiding in de wiskunde, de natuurkunde en de scheikunde tot stand te brengen. Tussen ons vieren heeft er nooit twijfel over bestaan, dat de meest urgente voorwaarde voor het slagen daarvan bestond in het zo spoedig mogelijk bereiken van een, de omstandigheden in aanmerking genomen, enigermate redelijk te achten niveau van vakwetenschappelijk onderwijs en onderricht. Ik zei met opzet „ons vieren", om U de naam van Prof. Dr. M. van Haaften in herinnering te brengen, die als buitengewoon hoogleraar in de verzekeringswiskunde, weliswaar slechts een klein deel van zijn tijd aan de faculteit kon geven, maar die met zijn maatschappelijke ervaring, zakelijk inzicht en wijs oordeel zijn drie jongere collega's niettemin tot grote steun is geweest.

Bij het terugzien op deze eerste fase in de ontwikkeling der faculteit dringen zich onwillekeurig bepaalde gebeurtenissen naar voren. De oprichting, door de studenten, van de faculteitsvereniging en haar erkenning en opneming in het landelijk verband der natuurphilosophische faculteitsverenigingen; de uitnodiging der zusterfaculteiten om toe te treden tot het Interfacultair Overleg; de opening van het laboratoriumgebouw; de eerste publicaties; de eerste examens; de eerste promoties; de eerste plaatsing van onze afgestudeerden bij onderwijs en industrie, het waren telkens aanwijzingen voor de levensvatbaarheid van de faculteit als instelling van hoger onderwijs, zij het dan ook voorlopig nog slechts op een zeer beperkt gebied en in zeer bescheiden gedaante. Het hierdoor versterkte vertrouwen in haar toekomst bleef echter niet vrij van zorg en zelfs van bezorgdheid. Het financiële probleem was vanaf de geboorte der faculteit aanwezig en nam met haar groei

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's

1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 310

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's