Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 103

2 minuten leestijd

WETEN, DENKEN EN GELOVEN T.A.V. EVOLUTIE

75

zoogdieren opgetreden. Wat hierbij in het oog springt is de relatief snelle overgang van de ene groep naar de andere, dikwijls maar door enkele fossielen in het bekende materiaal aangeduid, en de zeer snelle differentiatie van een nieuwe groep in talrijke variaties. Zeer bijzondere aandacht trekt uit de aard der zaak de vraag naar de oorsprong van de mens. Zoals bekend zijn op dit gebied de laatste decenniën grote vorderingen gemaakt. Het is duidelijk dat aan Homo sapiens, onze soort, in de 1—2 millioen jaren geduurd hebbende Pleistocene periode een hele scala van vormen is voorafgegaan, zoals de Homo neanderthalensis, Homo erectus (Pithecanthropus, Sinanthropus, Atlanthropus), Homo habilis i, Australopithecus-ach tigen. Het onderzoek laat m.i. een drietal conclusies toe: 1. de mens stamt zeker niet af van vormen zoals de huidige mensapen; 2. de wortel van de menselijke lijn ligt dieper dan men aanvankelijk vermoedde, mogelijk in het Mioceen, d.w.z. enkele tientallen millioenen jaren geleden; 3. het juiste verloop van m.n. de vroege phasen van de anthropogenese moet momenteel nog als grotendeels onbekend worden aangeduid 2. Wanneer wij het geheel van de historische gegevens betreffende de wording van het rijk der organismen overzien kan geconcludeerd worden dat het beeld van het verleden gekenmerkt wordt door een opeenvolging van vormen, met phasen van abrupte snelle differentiatie, gevolgd door geleidelijke veranderingen die geheel vergelijkbaar zijn met de huidige soortvormingsprocessen. Verder is nog veel onduidelijk, waarbij m.n. het ontstaan der grote groepen in het praeCambrium moet worden genoemd, en als incidenteel probleem: de aanloop van de menswording. Naast de, weliswaar op verschillend niveau, voor evolutie pleitende klassieke typen van gegevens van de biogeographie, de populatiegenetica en de palaeontologie, is echter nog een m.i. bijzonder sterk complex van gegevens te noemen, dat m.n. in de moderne biologie op de voorgrond treedt. Het, in het bijzonder na de laatste wereldoorlog ontplooide, celphysiologisch, electronenmicroscopisch en biochemisch onderzoek 1 L. S. B. Leakey, P. V. Tobias, J. R. Napier, A new species of the genus Homo from Olduvai Gorge, Nature, 202, 7—9, 1964. " Voor een beknopt modem overzicht zie C. Arambourg, Het ontstaan van de mensheid, Utrecht, 1964.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's

1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 103

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's