1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 143
WETEN EN GELOVEN OMTRENT DE MENS
111
een opleving geweest van het medisch wdjsgerig denken onder invloed van de levensphilosophie en het existentialisme. Na 1950 is op dit gebied weinig belangrijks meer verschenen. Jaspers en Binswanger, die beiden nog leven, zijn reeds meer dan 80 jaar oud en voorzover ik zien kan is de belangstelling van het jongere geslacht, ook van de psychiaters, meer zakelijk dan wijsgerig gericht. Wel kan men nog belangstelling opbrengen voor een man als Merleau Ponty. Deze laatste vertoont trouwens typisch het verschijnsel, dat hij zich ook in zijn wijsgerig denken laat bevruchten door meer exact wetenschappelijk e gegevens, een wijze van werken die bij Sartre bijv. veel minder opvallend is. De typisch medische bijdragen voor philosophie en psychologie worden minder en in medische kringen is er duidelijk een reactie gekomen op een te algemene probleemstelling en op te veel bezinning. Men kan ook op dit terrein een zekere golfslag bespeuren. Na 1950 is men opnieuw geïnteresseerd geraakt voor een meer zakelijke probleemstelling, zoals die bevrucht wordt vanuit het neopositivisme, het statistisch denken, een methodologisch pragmatisme, een de voorkeur geven aan operationele denkwijzen. Men kan deze ontwikkeling op allerlei terrein nagaan. Het is ook wel vanzelfsprekend dat, nadat grote problemen min of meer onoplosbaar bleken, men aandacht gaat schenken aan detailpunten en tracht langs deze weg verder te komen. De moderne man van de wetenschap is gekenmerkt door een zekere bescheidenheid, nuchterheid, en wantrouwen ten opzichte van al te grote woorden. Hij kan daar niet veel mee beginnen en hij geeft er de voorkeur aan meer gedifferentieerd te werken. Men verwacht niet meer een oplossing op korte termijn van de grote problemen en men heeft leren inzien dat de operationele vraagstelling de wetenschappelijke vraagstelling bij uitstek is. Men mag wetenschappelijk gesproken, alleen de vragen stellen als men tevens de wegen kan aangeven waarlangs die vragen beantwoord kunnen worden en het antwoord zinvol kan worden ingepast in een groter geheel. Het is een kwestie van procenten geworden; als men enkele procenten vooruit is gegaan mag men al tevreden zijn. Ik gaf deze verschuiving reeds aan met de begrippen substantieel en functioneel. Het functionele wordt nog verder ingeperkt in de richting van het operationele en ook hier vinden wij een belangrijke verschuiving in de werkwijze in het algemeen. Een voorbeeld uit de psychiatrie moge nog enige opheldering geven over deze stand van zaken: Een halve eeuw geleden streefde men
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's