Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 121

3 minuten leestijd

DE LANDDAG 1965

93

overdracht bij mens-apen. In hetzelfde boek vindt men ook interessante gegevens over de traditionele wijze van overdracht van nieuwverworven kennis zoals dat ook bij de mens gebeurt Hiervan 2 voorbeelden: (1) bepaalde papegaaiachtige vogels gingen m N -Zeeland op pas geïntroduceerde schapen neerstrijken; toen ze gingen bijten bleek hun dat de schapen doodgingen en tot voedsel dienden; toen dit eenmaal door enige vogels was ontdekt, verspreidde dit „gerucht" zich snel, en werden deze vogels spoedig een ware plaag voor de schapen; (2) in Engeland leerden enige mezen de doppen van de melkflessen te halen; ook dit groeide snel uit tot een plaag. Maar wellicht is het meer kenmerkend voor de menselijke taal dat zij (niet alleen symbolisch, maar ook) abstract is Denk aan begrippen als „waarheid" en „schoonheid". Dit element ontbreekt misschien bij het dier. Verder is het typerend voor mutatie en selectie enz, dat de daardoor ontstane veranderingen steeds zeer gering zijn, en geen essentieel nieuwe dingen opleveren, terwijl anderzijds onderzoekingen uitwijzen dat de prehistorische mens, hoe ver men ook terug gaat, altijd al gebruik maakte van vuur en een zekere vorm van godsdienst kende. Hoe valt dit dan te rijmen met de evolutietheorie' Volgens de huidige stand van de wetenschap valt hierop mogelijk te zeggen dat m de eerste ontwikkeling van de aarde er reeds veel genetisch materiaal is gevormd en dat dit evolutiepotentieel pas veel later tot differentiatie is gekomen.

^ e J2anddag 1965 O p vrijdag, 2 april en zaterdag, 3 april werd, ditmaal in het Internationale Congrescentrum R.A.I., weer een L a n d d a g gehouden. Deze L a n d d a g werd geleid door prof. dr. J. R. van de Fliert, secretaris van het Bestuur der Vereniging, daar d e voorzitter, prof. dr. G. J. Hoijtink om zeer dringende l e d e n e n buitenslands vertoefde. Uit het grote aantal deelnemers (ca. 140) bleek duidelijk dat het Bestuur met het gekozen onderwerp „Veranderend wetenschappelijk denken en d e verhouding Geloof en Wetenschap" voor veel leden onzer Veieniging een levend en boeiend probleem aansneed. Ongetwijfeld heeft ook de keuze der sprekers veel tot het slagen van d e L a n d d a g bijgedragen. D e inhoud van de voordrachten der sprekers, te weten prof. dr. J. Lever (bioloog), prof. dr. A. L. Janse d e Jonge (medicus) en prof. dr. A. C. van Peursen (wijsgeer) was zeer leerzaam en belangwekkend en bleek veel stof tot discussie te bieden. Aan die discussies werd een niet geringe bijdrage geleverd door d e theoloog ds. E. G. van Teylingen, die door het Bestuur uitgenodigd was om d e L a n d d a g bij te wonen. D e Redactie van Geloof en Wetenschap hoopt de voordrachten en

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's

1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 121

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's