1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 173
DENKEN EN GELOVEN T.A.V. DE EVOLUTIE V.H. WETEN
137
Samenvatting van de Verschuivingen in het denken Men kan het geheel samenvatten in drie kenmerken: (1) het denken wordt steeds minder vast omlijnd en minder rechtlijnig, wat zich o.a. uit in de overgang van substantie naar functie en in het betrekken van de causale wetmatigheid in een meer omvattend geheel van processen; (2) de dingen komen dichterbij: betrokken op instrumenten en dagelijkse ervaring; in verband hiermee staat het onderscheid dat men maakt tussen zinvol en zinloos, en het gebruik van een term als „workable"; (3) begrippen worden inhoudelijk leeggepompt en operationeel geduid; kenmerkend hiervoor is de „persuasive definition"; men pakt de zaken operationeel aan, om „te kijken hoe het lukt"; een operationele definitie van „kleurenblindheid" bijv. is, dat men bij bepaalde tests „mislukt". nf'-^^r^ stSlotbeschouwing Ontlenende aan „das Schloss" van Kafka kan men het volgende werkelijkheidsbeeld geven: men moet zich een groot bedrijf voorstellen, waar de zaken perfect lopen. Het personeel kent de directeur niet, en het is ook onmogelijk met hem in contact te komen. Eindelijk echter heeft iemand een afspraak met hem kunnen maken. Via bodes, bureaux en secretaressen etc. dringt hij door tot hij eindelijk in de „wachtkamer" komt; tenslotte blijkt dat de „directiekamer" leeg is. Substantieel bestaat de directeur dus niet, maar operationeel wèl: nl. als brandpunt van de informatiestroom en van de hiërarchische organisatie in het bedrijf. De zaak loopt goed zolang er geen snelle veranderingen optreden in de interne- of externe-situatie van het bedrijf. Zodra dit echter wèl het geval is loopt de zaak scheef: de veranderde situatie vereist een herprogrammering; daartoe dient de naar het brandpunt gedirigeerde informatie omtrent de opgetreden veranderingen gemoduleerd te worden. Via de directiekamer zou er dus een strategische terugkoppeling van informatie moeten plaatsvinden. Conclusie: zolang er geen veranderingen optreden in de situatie, is de lege directiekamer functioneel, maar zodra de situatie verandert merkt men aan het scheeflopen van de zaak dat de directeur functioneel en operationeel gesproken niet bestaat. Op zichzelf is het vol- of leeg-zijn van die directeurskamer hier niet het belangrijke punt (dat zou te „substantieel" gedacht zijn). Het punt van
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's