1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 335
KLASSIFICATIE VAN PSYCHIATRISCHE PATIËNTEN
279
geschreven worden, zoals die in ons land inmiddels door A. D. de Groot (1961) voor de gedragswetenschappen geschreven is. Uit de aard van mijn opleiding mis ik voldoende filosofische scholing om zulk een methodologische grondslag voor de psychiatrie even uit de mouw te schudden, maar toch acht ik het noodzakelijk om althans enige saillante punten te noemen die niet genegeerd mogen worden bij een poging om te geraken tot een klassificatie van psychiatrische patiënten. Het eerste dan wat aan de orde komt in zulk een methodische verkenning van het terrein der psychiatrie is de terminologie. Zowel de aangeleerde als de ervaringskennis behoort te worden uitgedrukt in termen waarvan de betekenis zo nauwkeurig mogelijk vaststaat. „Wetenschap is gemeenschapswerk; zij kan slechts door de samenwerking van velen door de tijden heen tot stand komen. Deze samenwerking vraagt om mededeling van het weten en deze komt tot stand door tekens, voomameHjk door het gesproken en geschreven woord. De woorden zijn dus geenszins bijzaak, maar een wezenhjk middel voor wetenschap" (Bochénski). Woorden helpen denken, maar kunnen ook tot misverstand en op dwaalwegen voeren als ze niet geheel adaequaat het bedoelde begrip uitdrukken. Als het echter gelukt om begrippen éénzinnig door woorden weer te geven, dan wordt daardoor het werk der wetenschap zeer vereenvoudigd. In de psychiatrie wordt helaas gewerkt met tal van woorden, die meerzinnig zijn, zoals „schizofrenie", „psychopathic", „organisch", „vegetatief', „ziekte-inzicht", „depressie", „affectieve verwaarlozing", enz. Als wij wetenschappelijk verder willen komen in de psychiatrie, dan zullen we moeten begirmen met een terminologie op te bouwen die bestaat uit zorgvuldig gedefinieerde woorden en zinswendingen. Met behulp van een ondubbelzinnige terminologie wordt enerzijds de mogelijkheid geschapen om tot een meer doelgericht onderzoek te geraken, anderzijds om uitspraken te doen over de betekenis van verschillende verschijnselen die zich in het kader van de psychiatrie aan ons voordoen. Willen deze uitspraken wetenschappelijk van belang zijn, dan moeten ze geverifieerd kunnen worden, d.w.z. dan moet kunnen worden aangetoond dat ze waar of vals zijn. Er kan verschillende verifieerbaarheid worden onderscheiden
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's