1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 102
74
J. LEVER
Wij nemen ons uitgangspunt in de wetenschappeliike gegevens. De gegevens die voor een evolutie van de organismen pleiten zijn van verschillende aard. Historisch gezien moeten de zoögeographische gegevens vooropgesteld worden. De verschillen tussen soorten die bv. in door bergruggen van elkander gescheiden gebieden leven, of die op verschillende eilanden in archipels voorkomen, zijn het immers vooral geweest die bij Darwin de schaal ten gunste van de gedachte van de veranderlijkheid der soorten deden doorslaan. In de laatste eeuw heeft het onderzoek de juistheid van deze gedachte bevestigd, zodat wij als eerste gegeven wel kunnen noteren dat de soorten der organismen, die momenteel op aarde leven niet als constant dienen te worden opgevat, maar als zo veranderlijk dat nieuwe soorten kunnen worden gevormd. Op grond van gegevens uit de erfelijkheidsleer, m.n. de populatiegenetica, kan voorts wel vastgesteld worden dat het mechanisme dat deze soortveranderlijkheid beheerst, bekend is, en als belangrijkste factoren mutatie, selectie en isolatie omvat. Deze resultaten van de biogeographie en de genetica hebben uit de aard der zaak uitsluitend betrekking op de huidige organismen. De historische geologie en de palaeontologie hebben reeds zeer veel gegevens opgedolven betreffende het verleden. Het globale beeld dat wij daarvan krijgen is dat van sterke veranderingen in de samenstelling van flora en fauna gedurende de aardgeschiedenis. De oudste fossiele resten van levende organismen, gevonden in Z. Rhodesië en in Canada, dateren van rond 2 milliard jaren geleden en hebben betrekking op bacteriën en algen i. De oudste dierlijke fossielen zijn afkomstig uit het Cambrium, ongeveer 550 miljoen jaren geleden, hoewel in Australië aanduidingen van gevarieerd dierlijk leven van iets oudere datum zijn gevonden 2. Het meest opvallende is echter dat in deze periode van de aardgeschiedenis reeds de meeste grote typen van het dierenrijk aanwezig waren. Over hun voorgeschiedenis is nog niets met zekerheid bekend. De gewervelde dieren zijn iets later ontstaan, 300—400 millioen jaren geleden. Zij waren toen vertegenwoordigd in de vorm van zg. kaaklozen, een momenteel vrijwel uitgestorven groep. In de loop van de tijd zijn daarna successievelijk de vissen, amphibieën, reptielen, vogels en 1 M. H. Briggs, Dating the origin of life on earth. Evolution, 13, 416—418, 1959. 2 M. F. Glaessner, Pre-Cambrian' animals. Scient. Amer., 204, 72—78, 1961.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's