1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 22
6
F. J. TOLSMA
met behulp van zijn kennis de psychotisch veranderde wereld te redresseren. Bij een schizofreen proces, of bij een diepe, endogene depressie, zal het niet gelukken de patiënt in een zinvolle dialoog te betrekken. De psychiater kan met de patiënt zo lang praten als hij wil en hij kan zeggen wat hij wil, „raken" doet men de patiënt in het gesprek niet. Een belangrijk punt van een theorie, of ze nu juist is of niet, is, dat men als psychiater in elk geval een verdedigings-systeem tegenover de patiënt heeft opgebouwd. Van daaruit kan hij trachten het psychotische patroon om te buigen naar wat hij als normaal ziet. Of dit zal gelukken, hangt, zoals reeds is gezegd, af van de structuur van het ziektebeeld en van een zorgvuldig afwegen onzerzijds van de verschillende conditionerende momenten en de daarmee corresponderende therapeutische activiteiten. Tegenover de gedetailleerde beschouwingen van de psychiater met zijn „afweer-mechanismen", staat de „ongewapende", argeloze nietpsychiater. Nu is de doorsnee leek wel in staat een globale diagnose te stellen in uitgesproken gevallen. Hij spreekt dan bijvoorbeeld van een niet-wel-bij-het-hoofd-zijn, en in deze formulering is reeds sprake van een duidelijke distantie-name. De ander spreekt niet als gezaghebbende, maar als een vreemde, als iemand, die vreemde dingen zegt. Toch ziet men niet zelden, dat de waan een export-artikel blijkt te zijn, dat door de medemens wordt overgenomen en dat hij zich toe-eigent. De waan wordt in de dubbele betekenis van het woord „uitgevoerd". Dit vindt plaats zodra de ander wordt geloofd en zijn ideeën zonder vorm van critiek worden overgenomen. Er is hier sprake van inductie, d.w.z. de een draagt zijn ziekelijke denkbeelden aan de ander over. We spreken van: „folie communiquée". Datgene wat door de psychiater meer of minder begrijpelijk is te maken, wordt voor de patiënt grijpbaar en naderhand vermeend begrijpbaar. Daar, waar de psychiater dank zij zijn begrip van waanzin spreekt, ontmoet de geïnduceerde waarheid en zin. Het aangebodene wordt door hem geaccepteerd en eventueel gestructureerd dan wel gereconstrueerd. Het is moeilijk hier een deugdelijke verduidelijking te geven. Het begrip identificatie dat o.m. door Hartmann en Stengel gebruikt wordt ter verklaring van de inductie, is nauwelijks veel meer dan een tautologie. '•"'fi" • Bij de inductie is sprake van een autoriteits-relatie, en het zal duidelijk geworden zijn, dat deze bij primitieve volkeren meer voorkomt dan bij de moderne mens. Het is immers zo, dat de wetenschappelijke
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's