1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 152
120
DISCUSSIE VOORDRACHT JANSE DE JONGE
cultuur socioloog Schelsky is geïntroduceerd, en wel i v m het volgende het wetenschappelijk nadenken moet gezien als een continue zaak Het is naïef om te menen dat allerlei problemen door nadenken tot een (definitieve) oplossing gebracht kunnen worden Door na te denken komt men niet zozeer „uit" het probleem als wel er „m" Deze dus noodzakelijke ,,Dauer Reflexion" zou ons de moed kunnen ontnemen Men moet haar echter zien als behorend tot ons menselijk bestaan Wat moet men verstaan
onder „chnstelijke-wetenschfip"
en
„-anthro-
logie'"'
De „bescheidenheid" t a v de vaste punten e d is een bescheidenheid waar iets achter zit hiermee dekt men toe zijn twijfel aangaande vroeger als vaststaand aanvaarde zaken Men dreigt zodoende langs elkaar heen te praten Het zou van belang zijn een werkgroep ,,Anthropologie" m te stellen, omdat er een grote behoefte bestaat aan een christelijke anthropologie Als men zegt ,,er zit wat achter die bescheidenheid" dan zrt daar ook weer iets achter' De zaken staan zo, dat iedere wetenschappelijke onderzoeker te maken heeft met (a) zijn object, (b) datgene wat men van hem verwacht Genoemde bescheidenheid staat in verband met (b), en wel doordat men vroeger teveel verwachtte Die vaste punten waar men steeds naar vraagt kan men wetenschappelijk nooit onder het oog krijgen Dat is nu eenmaal onze situatie, en daar mogen we blij om zijn (zie ,,Dauer Reflexion") Wat betreft de behoefte aan een christelijke anthropologic er is inderdaad een dergelijke werkgroep geweest Deze heeft vei helderend gewerkt Het resultaat was echter dat men niet van een christelijke anthropologie kan spreken, en dat alles voorlopig is Gezien de snelle verschuivingen en ontwikkelingen m de wetenschappen is het praktisch niet mogelijk een wer kelijk integrale anthropologic op te bouwen Het hele begrip integratie IS onhanteerbaar geworden sinds de ontwikkelingen van de laatste 10 jaar Men moet wetenschappelijke resultaten erkennen, maar mhoeverre kunnen die iets wezenlijks zeggen over de mens, zijn wezen en oorsprong'' Iets wezenlijks uiteraard niet Toch is het van groot belang de recente ontwikkeling van de wetenschap te volgen, i v m de daaruit oprijzende vraagstelling omtrent de mens Wat dit betreft heeft er een soort dialectische ontwikkeling plaats Is het met zo dat we de uniekheid van de mens kwijtraken juist door het toepassen van de pragmatisch positivistische methoden der exacte wetenschappen'' Het christelijke denken neemt echter zijn oor sprong niet m wetenschappelijke methoden We moeten deze weten schappelijke matrijzen juist weggooien Als methode zijn ze weliswaar bruikbaar binnen de wetenschap, maar langs deze wetenschappelijke methoden kan men nooit opstijgen tot de kennis van de mens We moeten starten met Christus als zm der schepping Pas als we God kennen, kunnen we de mens kennen (Calvijn) Misschien moeten we de wetenschappelijke matrijzen ook wel ver laten Het gaat er maar om dat men noch naar de ene noch naar de andere zijde te ver gaat Voor het belijden van de kerk kan het juist nuttig zijn en een gunstige uitwerkmg hebben, wanneer de aandacht meer gericht wordt op de schepping Er is een historische ontwikkeling m het wetenschappelijk mensbeeld achtereenvolgens heeft men de uniekheid van de mens gezocht m de rede, moraal, taal en de bewuste relatie tot God Wat bedoelt men echter precies met dit laatste men weet met eens wat „bewustzijn" is
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's