1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 190
154
J. A. VAN DER HOEVEN
zijn uit de Burgerlijke Stand, dus uit de rijen der levenden. Ik sprak al over de eerbied voor het leven, die van oude tijden het medisch geweten heeft beheerst. Maar is in deze zo juist geschetste gevallen, leven aanwezig? Is het ethisch gefundeerd, hier zo lang mogelijk mee door te gaan? En zo niet; wanneer moet men dan ophouden? Vragen, waar wij vóór de technische vooruitgang, die ons de poliomat opleverde, niet voor stonden. Het is ook hier weer de cultuur, die onze problemen vermeerdert. Een laatste punt, wil ik onder dit hoofd nog een ogenblik met u behandelen. Enige tijd geleden bracht ik met sommigen uwer, een bezoek aan de Dr. Mr. Willem van den Bergh-Stichting en ook anderszins zie ik geregeld uit hoofde van mijn beroep van controlerend geneesheer, vele inrichtingen van zwakzinnigen. In de eerstgenoemde inrichting, zag ik 3 kinderen van 8 tot 16 jaar liggen, die de zwaarste graad van imbecillitas vertoonden. Zij lagen met maximale contracturen in bed. Zeker lagen zij daar zonder enig bewust leven. Met de meest aandoenlijke zorg werden zij dag in dag uit door de verzorgsters gevoerd, verschoond, geholpen. Alle 3 hadden sinds enkele dagen een dubbelzijdige pneumonie. Er werd bij hen gestoomd en zij kregen sinds 2 dagen grote doses peniciline, verworvenheid van onze research op medicamenteus gebied. Is het ethisch verantwoord, zo dacht ik, als men als arts deze kinderen de genade van de dood laat deelachtig worden, door de penicilinegave te staken? Een vraag van hoog ethische beklemming. Want al weer, waar is de grens, dat men niets meer moet doen of dat men moet blijven vechten, om in stand te houden een toestand, waarvan men toch twijfelen moet of dit leven is. Deze ethische vraagstukken liggen nog iets anders, dan b.v. het uitdoven van het leven door een bewuste akt van ons als dokters. Ik herinner me, dat uw voorzitter van heden enige jaren geleden, een voordracht hield, waarin hij het verhaal vertelde, van een brillant hoogleraar, die aan hypertensie leed. Deze man vroeg aan zijn internist: „Als ik ooit een cerebro-vasculair-accident krijg, waarbij mijn hersenfunctie ernstig gestoord wordt,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's