1965 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 92
68
RONDBLIK/BOEKBESPREKING
men er anders over spreken dan in vergelijkingen?) met wat een wiskundige doet dan met het werken van een bouwkundig of werktuigkundig ingenieur, komt ook al bij Eddington voor. Gaat dit niet in dezelfde richting als het bekende „Ho Theos aei geometrei"? — Overigens ben ik het gaarne met ir. Verhoef eens (zie zijn laatste alinea), dat de bekende woorden uit Jesaja 55 : 8, 9 omtrent Gods gedachten, die hoger zijn dan onze gedachten — die daar gebruikt worden in het verband van de uitnodiging tot het heil des Heren — voor de gelovige toch altijd blijven te aanvaarden, ook in het verband van wat ons hier bezig houdt, en ons nog uitvoeren boven wat Dirac zegt. 10-3-'65
H. R. W.
löoekbespreking E. Fascher, Vom Anfang der Welt und vom Ursprung des Menschengeschlechts. Verlag Alfred Töpelmann, Berlin W30, 1961, 75 p., 15 X 22 cm. Op deze, als aflevering van de serie ,,Aus der Welt der Religion" (Neue Folge, nr. 3) uitgegeven, studie wordt in ons tijdschrift gaarne de aandacht gevestigd, daar hierin op boeiende, zij het niet zeer overzichtelijke, wijze talrijke gegevens uit de litteratuur der apocriefe en oudkerkelijke schrijvers betreffende het paradijsverhaal en de daarop volgende mensheids-geschiedenis uit de Bijbel worden meegedeeld, die ons gewoonlijk niet onder ogen komen. Wist u b.v. dat Adam en Eva 63 kinderen hadden, nl. naast Kain, Abel en Seth nog 30 jongens en 30 meisjes; of dat Kain en Abel ieder een tweelingzuster hadden, nl. resp. Lebuda en Kelimat, waarmee zij naderhand kruisgewijs gehuwd zijn; of dat volgens verscheidene auteurs de ,,zonen Gods" uit Genesis 6, die zich vrouwen namen uit de „dochters der mensen" waaruit de „reuzen" geboren werden, engelen zijn geweest; of dat de meningen over de duur van de aanwezigheid van de mens in het paradijs uiteenlopen van 7 jaren tot slechts van 6—12 uur op de 6e scheppingsdag; of dat de
Egyptische denker Apollonius meende dat de aarde 153075 jaren geleden ontstaan was, terwijl Plato reeds over millioenen jaren schreef? J. LEVER P. Overhige S.J. und K. Rahner S.J., Das Problem der Hominisation. HerderVerlag, Freiburg, 1961, 399 p., 14 X 22 cm. Dit boek — verschenen als een dubbel deel (12/13) van de serie Quaestiones Disputatae — bevat twee studies. De eerste, ,,Die Hominisation als theologische Frage", is geschreven door de bekende theoloog Karl Rahner. Hierin worden allereerst de uitspraken van het kerkelijk leergezag betreffende het ontstaan van de mens, en vervolgens de openbaringsbronnen hieromtrent, besproken. Nadrukkelijk wordt gesteld dat niet alle moeilijkheden opgelost zijn „wenn man Evolution für den „Leib" des Menschen zugesteht und für die „Seele" ausschlieszt" (p. 22), daar hiermee de eenheid, ook in het ontstaan van de mens wordt verbroken en verschraald. De problematiek is wel reëel daar de christen dient vast te houden dat de mens, hoe nauw de genetische relatie met het dierenrijk ook geweest moge zijn, een „geistige, einfache, substantielle „Seele" bezit die „von ihrem
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 364 Pagina's