Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1966 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 171

2 minuten leestijd

VERANDEREND GEZINSONTWERP

135

Heken zullen zich hoofdzakelijk beperken tot de periodieke onthouding, omwille van de gewetensrust of vanwege de traditie. De discussies in katholieke kringen zijn dan ook sterk georiënteerd aan de biologische gegevens. Op dat vlak ziet men nog vaak een doorslaggevende normativiteit. Sociologie, psychologie en antropologie komen weinig en dan nog in verengd perspectief aan bod. De denkcategoriën uit de agrarische, voor-industriële maatschappij beheersen nog veelal het gesprek. Maar in de practijk wordt dit denken steeds meer als een slechts rationele constructie ervaren die het niet meer doet. Zo komt de schrijver tot de vraag, die kennelijk voor hem zelf geen vraag meer is, of de door de kerk (r.k.) aanvaarde periodieke onthouding nog wel past bij de seksualiteitsbeleving en huwelijkverhoudingen van onze huidige cultuurfase. Hij meent dat deze methode in dubbel opzicht frustrerend werkt: ze brengt een onderbreking in de spontane betrokkenheid op elkaar en zij verwijst naar een motivering die geen plaats heeft in het overstijgen van de biologische geslachtsdaad tot haar menselijkheid, zoals die nu in onze cultuur wordt beleefd. De humanisering van de seksualiteit is in de practijk verder geëvalueerd dan het kerkelijk denken heeft kunnen bijhouden. Het gesprek met de (r.k.) theologen over deze dingen is hinderlijk, want ze oriënteren zich het eerst op wat biologen, medici en gynaecologen zeggen. Maar ze moesten „hun veelvuldige excursies naar de gynaecologische klinieken zeer beperken" en meer te rade gaan bij antropologen, psychologen, sociologen en psychiaters. Hoofdstuk II. Huwelijk in eigen spiegel Voortbouwend op de sociologische visie van hoofdstuk I krijgen we in dit hoofdstuk een flink stuk rapportage over de gesprekken die in de enquête gevoerd zijn. De schrijver (drs. A, M. van der Heiden, geboren 1932, socioloog, verbonden aan De Horstink en aan het sociologisch instituut te Utrecht) brengt een ordening aan in het gespreksmateriaal door de gegevens te groeperen om vier thema's; 1. de partnerrelatie, 2. de houding tegenover de seksualiteit, 3. de plaats van het kind in het gezin en in de relaties, 4. gezinsgrootte en gezinsplanning. In de langdurige gesprekken was gebleken dat dit de onderwerpen zijn die voor de respondenten zeer belangrijk waren. ad 1. De partnerrelatie Bij dit onderwerp kwam naar voren dat de gedachte van het samen-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 368 Pagina's

1966 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 171

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 368 Pagina's