1966 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 203
MOLECUUL EN MAATSTOK
167
ceptie is ondenkbaar zonder de ontwikkeling van de atoomtheorie in de fysica en de chemie. In zijn aanvankelijke vorm van ondeelbaar brokje materie staat het atoom nog tamelijk dicht bij de algemeenmenselijke voorstellingswereld. Het is weliswaar hypothetisch van karakter, doch bezit nog steeds dezelfde eigenschappen, die bij een groter brok van het betreffende element zijn waar te nemen. Bij de verdere uitwerking verliest het begrip „atoom" geleidelijk zijn simpelheid. Het krijgt een valentie, naast kinetische ook potentiële energie, het moet elektronen herbergen en zorgen voor een verklaring van emissie en absorptie van straling. De massa wordt in een minuscule kern samengedrongen en tenslotte krijgt het quantumregels opgelegd. Het atoom bezwijkt tenslotte haast onder de last van onderling tegenstrijdige eigenschappen. Gelukkig brengt dan de quantummechanica uitkomst. Het blijkt dan dat concrete dingen uit de algemeen-menselijke voorstellingswereld, hoe ook gemodelleerd, niet geschikt zijn voor de beschrijving van de microstructuur der materie. Alleen een mathematische, indeterministische formulering is bruikbaar, hoewel de uitwerking nog vele moeilijkheden oplevert. Hetzelfde is van toepassing op het DNA-molecuul. Er zijn geen woorden voor, althans geen geschikte. Het is een geordende groepering van kernen en elektronen, en dus een abstractie, die in principe alleen mathematisch-indeterministisch kan worden geformuleerd, alleen al vanwege het karakter van kernen en elektronen zelf. Dat het een relevante abstractie is, behoeft in het licht van de moderne biologie geen betoog. Het feit, dat we van het DNA-molecuul een beeld kunnen ontwerpen door gebruik te maken van zijn wisselwerking met zware metaalatomen en vervolgens van de wisselwerking van elektronen met materie en met magnetische velden, demonstreert op zichzelf al, dat het, hoewel voortkomend uit abstracties van de werkelijkheid, niet buiten de werkelijkheid staat. Dat het heden ten dage mogelijk is genetisch onderzoek te verrichten op moleculair niveau, betekent opnieuw een wetenschappelijk succes voor de corpusculaire beschrijvingswijze van de materie, die haar oorsprong vond in het formuleren van de atoomtheorie. Dit succes ligt in zekere zin in het verlengde van de geslaagde pogingen organische verbindingen te synthetiseren, waardoor de vis vitalis tot een overbodige hypothese werd. Men zou de vraag kunnen opwerpen, of de moleculaire beschrijving van de levensverschijnselen onbeperkt kan worden voortgezet. Het antwoord hierop is in het huidige stadium moeilijk te geven. Momenteel heeft het er alle schijn van,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 368 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 368 Pagina's