Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1966 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 351

2 minuten leestijd

IS EXPERIMENTEREN MET LEVENDE DIEREN GEOORLOOFD?

295

onder in de voedselketen, waar de dieren tot beide categorieën behoren. Slechts zeer weinig dieren worden volwassen, nog minder worden oud. Het beeld van de levende natuur wordt nog ernstiger wanneer wij dit noodzakelijkerwijs gaan aanvullen met het uitennate belangrijke verschijnsel van het parasitisme. Er komen nl. tienduizenden soorten voor die in het lichaam van andere organismen hun voedsel uit de levende weefsels zuigen of knagen. Men kan zich dit verschijnsel van het parasitisme niet wijd verbreid genoeg voorstellen. Er komen in de vrije natuur practisch geen dieren voor die niet in hun weefsels andere organismen herbergen die hen meer of minder ziek maken. Om een indruk van de omvang van dit verschijnsel te geven kan vermeld worden dat men bv. 3500 soorten van eencellige dierlijke parasieten kent, 1500 soorten lintwormen en 5000 soorten rondwormen. Het totaal aantal specifieke parasitaire diersoorten wordt op 65.000 a 70.000 geschat. Daar komen dan nog duizenden virussen, bacteriën en schimmels als ziekteverwekkers bij. Veel van deze parasieten zijn niet tot één gastheersoort beperkt, maar verhuizen gedurende hun levenscyclus van de ene soort naar de andere. Zij veroorzaken verminderde vitaliteit, darmziekten, koortsen, pijnen, verlammingen, ontstekingen, uitslag, zweren, steriliteit, en dikwijls een voortijdige dood. Kortom ons beeld van de voedingssamenhang in de levende natuur, dat reeds naast de vredige planten en de grazende herbivoren de bloeddorstige carnivoren bevatte, wordt in bijzondere mate verscherpt door een overal doorwoekerend netwerk van door parasitaire organismen veroorzaakte ziekten. In de levende natuur woedt een vivisectie op wereldschaal, of wij nu denken aan dysenterie-amoeben die langzaam de darmwand van hun gastheer bloederig perforeren of aan de sluipwesplarven die levende rupsen geleidelijk aan leegeten. Dus, wanneer wij ons rekenschap geven van de samenhang der organismen in de levende natuur dan blijkt dat het leven in een voortdurende worsteling met zichzelf is gewikkeld, waaraan alle soorten en alle individuen deelnemen, daar allen zich moeten voeden en wel op voor hun soort karakteristieke wijze, en daar allen uitwendig of inwendig bedreigd worden door andere soorten. De vraag doet zich vervolgens voor welke positie de mens in dit geheel inneemt. Daarbij moet allereerst opgemerkt worden dat de mens volledig in deze „struggle for life" is opgenomen. Zijn lichaam,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 368 Pagina's

1966 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 351

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 368 Pagina's