1966 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 271
DIER EN MENS
227
Als een Christen over toekomst (ook over toekomstverwachting) praat, zonder zich af te vragen w a t zijn functie in verband met die toekomst is, kan hij beter zwijgen, en zich realiseren d a t agnostici als Huxley en Lorenz over d e toekomst schrijven omdat ze denken dat ze er invloed op uit kunnen oefenen. Als een Christen over vrijheid spreekt — en hij is uiteraard geneigd dit te sublimeren tot Christelijke vrijheid — dan m a g hij bedenken d a t h e m d e vrijheid gegeven wordt, d e toekomst vorm t e geven — en daar d e Christen weet w a t toekomst is — die houdt namelijk recht en gerechtigheid in — weet hij dan tevens aan welke taak hij staat. (Lorenz schrijft (pag. 259): „Maar als U mij vraagt, w a t ik in mijn onderzoek en onderwijs mijn leven lang gedaan heb, d a n moet ik U oprecht zeggen: ik h e b eigenlijk altijd datgene gedaan w a t mij het meeste plezier gaf". H e t antwoord kan bijzonder goed zijn, maar het woordje „eigenlijk" doet wat zwak aan). Als een Christen over verantwoordelijkheid spreekt, voelt hij die dan drukken? Als die verantwoordelijkheid drukt, ligt het niet goed. Verantwoordelijkheid kun je alleen maar, uit jezelf, op je nemen. Of is vrijheid — doen en laten wat m e n wil — gelijk verantwoordelijkheid — laten wat men wil en doen w a t men niet wil, uiteindelijk overgaand in doen w a t men wil en laten wat men niet wil — toekomstbepalend? Mensen die geloven in de toekomst — bent U geen Christen? — zijn bepalend voor die toekomst, alleen al omdat daar d e zin van hun leven ligt. ENIGE LITERATUUR: Bock, W. J. and G. von Wahlert: Adaptation and the form-function complex, Evolution, 19, 269-299, 1965. Carthy, J. D. and F. J. Ebling (editors): The natural history of aggression, Acad. Press, 1964. Dobzhansky, Th.: De biologische en culturele evolutie van de mens, Aula, 1965. Hutchinson, G. E.: The ecological theater and the evolutionnary play, Yale Univ. Press, 1965. Lorenz, K.: Over agressie bij dier en mens, Ploegsma, 1965. Mayr, E,: Animal species and evolution, Oxford Univ. Press, 1963. Meade, J. E. and A. S. Parkes (editors): Biological aspects of social problems, Oliver and Boyd, 1965. Roe, E. and G. G. Simpson (editors): Behavior and evolution, Yale Univ. Press, 1964. Stapledon, Sir G.: Human ecology, Faber and Faber, 1963. Stellingwerf, J.: Oorsprong en toekomst van de creatieve mens, Buyten en Schipperheyn, 1965. Wagner, F.: Die Wissenschaft und die gefahrdete Welt, Beck, 1964. Zeist, W. van: Oecologische aspecten van de prehistorische mens, Vakblad voor Biologen, 46, 45-55, 1966.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 368 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 368 Pagina's