Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 258

2 minuten leestijd

208

DE NATUUR IN EVENWICHT

gens hen onder dit natuurlijk evenwicht wordt verstaan. Soorten bestaan in het algemeen reeds lang, duizenden, soms miljoenen generaties. Nimmer vindt men onbegrensde toename, sporadisch een afname tot nul. Ook in de komende jaren zullen de aantallen aan schommelingen onderhevig zijn, maar geen der soorten zal tot oneindig toenemen, slechts enkele zullen uitsterven. Op basis van dit soort ,.waarnemingen" (de aanhalingstekens zijn van de auteurs) stoelt dan de gedachte dat de grootte van populaties wordt gereguleerd. Maar dit „natuurlijk evenwicht" is volgens de auteurs ongrijpbaar, en heeft geen wetenschappelijke betekenis. Vanuit dit startpunt bespreken zij dan de publicatie van Hairston CS., waarop zij critiek uiten. Wij bespreken daaruit slechts een enkel punt, teneinde de wijze van denken duidelijk te maken. Zo gaan zij o.a. in op „natuurlijk evenwicht" en het voortbestaan van soorten. Zij geven hier vooral critiek op het feit dat Hairston c.s. vanuit een bespreken van de functionele niveaus, uitspraken doen over populaties. Zij paraphraseren (m.i. op juiste wijze) de mening van Hairston c.s. als volgt: wanneer populaties binnen een van deze voedingsniveaus te groot worden, beginnen zij teveel energie te verbruiken, dan wel een of ander requisiet raakt op. Dit leidt tot een afname in aantal totdat de requisieten weer in voldoende hoeveelheid aanwezig zijn om opnieuw een toename mogelijk te maken. Zo wordt bereikt dat een populatie nooit tot oneindig toeneemt, en slechts zelden uitsterft. Ehrlich en Birch stellen nu vast dat deze voedselniveaus (b.v. de herbivoren) slechts als abstractie bestaan. Bovendien hebben zij er bezwaar tegen dat uit het voortbestaan van soorten geconcludeerd wordt tot regulatie van aantallen. En daarmee laait dan de oude strijd, van deterministisch model, met een gemiddelde aantalswaarde van een populatie, waarvan afwijkingen via de veranderende dichtheid van de populatie worden gecorrigeerd, tegen een toevalsmodel, waarbij uitgegaan wordt van een aantal populaties, elk onder invloed van externe factoren toenemend, afnemend of gelijkblijvend, weer op. De conclusie van de auteurs is, dat elke realistische benadering van aantalsfluctuaties uit dient te gaan van vier vooronderstellingen: 1. Alle populaties veranderen constant in grootte. 2. De milieufactoren van alle organismen veranderen constant. 3. Locale populaties moeten worden herkend en bestudeerd, indien men de veranderingen van de grootte van populaties wil begrijpen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's

1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 258

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's