Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 109

2 minuten leestijd

ONDERZOEK VAN DE RUIMTE

79

werd uitgevoerd door werkgroepen in Utrecht (Laboratorium voor Ruimteonderzoek), Leiden (Sterrewacht), Groningen (Sterrewacht), Delft (Afdeling Geodesie van de Technische Hogeschool) en Amsterdam (Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium). De Utrechtse groep heeft zich geworpen op de studie van de electromagnetische straling en de deeltjesstraling van zon en sterren. In Leiden is een groep bezig met het onderzoek van de kosmische straling met behulp van satellieten. De Groningse groep is begonnen met het ontwerpen van een astronomische satelliet voor de fotometrie van sterspectra. De Geodetische Afdeling van de T.H. te Delft maakt fotografische plaatsbepalingen van satellieten voor geodetische doeleinden. Het Nationaal Lucht- en Ruimetevaartlaboratorium te Amsterdam ontwerpt bestuurbare raketten die ook in dichtbevolkte gebieden kunnen worden gebruikt. Al dit werk wordt gecoördineerd door de Nederlandse Commissie voor Geofysica en Ruimteonderzoek, dit is een commissie van de Koninklijke Akademie van Wetenschappen. De fondsen voor het ruimteonderzoek komen rechtstreeks van het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen. Nederland heeft echter ook uitgaven in internationaal verband; de contributie aan ESRO (European Space Research Organization) en aan ELDO (European Launcher Development Organization) was het vorige jaar 14,5 miljoen gulden. Men moet deze bedragen vergelijken met het totale wetenschapsbudget dat in 1966 door het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen aan speur- en ontwikkelingswerk ten koste werd gelegd; dit was ongeveer 710 miljoen. Het ruimteonderzoek in Nederland neemt dus weliswaar nog maar enkele procenten van de wetenschapsbegroting in beslag, maar in absolute zin begint het toch ook in ons land al aardig te groeien, en men mag verwachten dat deze groei — ook gezien de belangstelling die in ons land van industriële kant wordt getoond — nog vele jaren zal voortgaan. In dit verband doet zich al gauw de vraag voor of — in wereldverband gezien — het moreel verantwoord is miljarden per jaar aan ruimteonderzoek en vooral aan ruimtevaart (want dat is de grote slokop) te besteden, terwijl er in de achtergebleven gebieden een zo grote achterstand in technische en industriële ontwikkeling moet worden ingehaald. Op deze vraag zal aan het eind van dit artikel worden ingegaan. Voorlopig willen wij eens zien welke resultaten het ruimteonderzoek tot dusver heeft opgeleverd.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's

1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 109

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's