1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 73
STABILITEIT IN DE LEVENDE NATUUR
51
zou zijn uit andere deeltjes, zou het zijn nut verliezen! Als stabiele materie-eenheid heeft het grote diensten bewezen, aanvankelijk vooral in de chemie. Verschülende atomen kunnen zich met elkaar verbinden tot een molecuul. Moleculen kunnen worden gevormd uit atomen van dezelfde soort, maar vooral ook door verbinding van atomen van verschillende soort. Daar er in de natuur zo'n 90 verschillende soorten voorkomen, zijn er heel wat combinaties mogelijk, vooral als men bedenkt, dat het aantal atomen in een molecuul niet beperkt behoeft te zijn tot twee, doch dat lange reeksen atomen zich tot moleculen kunnen samenvoegen. Aanvankelijk stond vooral de verhouding waarin de verschillende atomen in een molecuul voorkomen bij het chemisch onderzoek op de voorgrond. Vervolgens ging men ook aandacht besteden aan de volgorde, waarin de atomen in een molecuul zijn gerangschikt. Ook hierdoor is een molecuul nog niet volkomen gekarakteriseerd evenmin als een trui gekarakteriseerd is door te vermelden dat hij van wol is gemaakt en hoe lang de draad is, die erin is verwerkt. Vooral in de laatste tijd — en hierbij heeft de fysica een belangrijk aandeel geleverd — slaagt men er steeds beter in om vast te stellen, hoe grote moleculen in zichzelf zijn opgevouwen. Het is vooral deze inwendige structuur, die van zeer grote betekenis is voor de processen, die gekoppeld zijn aan wat wij in onze dagelijkse taal het „leven" noemen. Dat een ei, waaruit zich bij een zorgvuldige handhaving van een constante geschikte temperatuur nieuw leven kan ontwikkelen, door het koken een amorfe stevige massa is geworden, als het tegen de bedoeling van de kip op Uw ontbijttafel verschijnt, is te danken aan het verstoren van de inwendige structuur der eiwitmoleculen. Een molecuul kan zo groot worden, zoveel atomen bevatten, dat het uit het jasje van zijn naam groeit. Als moleculen van natrium en chloor zich in voldoende hoeveelheden samenvoegen, wordt het molecuul zo groot, dat het voor het blote oog zichtbaar wordt. We noemen het dan geen molecuul meer, maar een kristal en wel in dit geval een kristal keukenzout. Het molecuul is dan in drie dimensies uitgegroeid. Een molecuul kan onder geschikte omstandigheden ook uitgroeien in één dimensie en soms een zo lange draad worden, dat wij die wat de lengte betreft met het blote oog zouden kunnen zien, ware het niet dat de dikte zo gering is, dat het zelfs met een gewoon lichtmicroscoop niet is te zien. We zouden dan beter kunnen spreken van een draad in plaats van een molecuul. We gebruiken dan veelal de term „macromolecuul". Zulke draden bieden tal van mogelijk-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's