1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 211
DE VOLHEID VAN DE WERKELIJKHEID GODS EN ONZE WETENSCHAPPELIJKE ACTIVITEIT*) DOOR
C. J. D I P P E L 1.
Drie totaliteiten Onze vi'etenschappelijke activiteit speelt zich af in en tegenover drie totaliteiten: de kosmische totaliteit der materiële dingen, in afmeting zich uitstrekkend van IO-12 cm tot lO^s km (factor lO^o), de totaliteit van „het leven" en de interactie van levende wezens, en tenslotte de meest geheimzinnige: de totaliteit van het „ik", van de mens als eenheid van lichaam en geest. Als vierde zou men daarnaast kunnen stellen een niet-totaliteit: een disparaat conglomeraat van „zelfgemaakte" dingen, van de technische produkten van hoofd en hand van de mens. In al deze gebieden pretendeert de natuurwetenschap (NW) het eigenlijke en het meest grijpbare te formuleren. Zij heeft de grootste autoriteit, verenigt deze totaliteiten tot het duistere begrip „natuur" en poogt met succes de „taal" der dingen, van het leven en van de uiterst subtiele genetische en neurofysiologische regelmechanismen te ontcijferen. Daarbij vervagen de grenzen van de totaliteiten tot een eenheid van materie- en energievelden temidden van een leegte. Het levend besef, dat de ons overrompelende veelheid van zelfgemaakte dingen en ons kennen en kunnen ondenkbaar zouden zijn zonder de ,,gegevenheid" van de structuur en het dynamisch gebeuren in de drie totaliteiten, is vervaagd tot een flauw vermoeden: de erkenning van of de ergernis over een „gereduceerd werkelijkheidsbeeld", onaf, „nog-niet" volledig. De „natuur" behoudt nog iets van haar geheimzinnig-gesloten karakter. Wij kunnen niet, zonder in grote moeilijkheden te komen, beweren, dat we iets stelligs afweten van begin en toekomst van de natuur. Hoogstens kunnen we zeggen, dat de berekende ouderdom van het universum TQ = 1 3 .109 ± 5.109 jaar is en dat deze TQ een grens is voor onze kennis: daarvóór moet de wereld, ook in thermodynamisch opzicht, geheel „anders" gestructureerd zijni). Over de toekomst weten we in feite niets. Ook de toekomst is een grens. De mens, uitgangspunt van al ons kennen en waarnemen, blijft als totaliteit een geheim, ondanks de enorme resul*) Voordracht gehouden op de jaarlijkse conferentie van de Christelijke Vereniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland te Amsterdam (15 april 1967).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's