Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 283

3 minuten leestijd

H. R. WOLTJER

229

van 1000 maal kruis (munt) plus 1 maal munt (kruis), dan zou men inderdaad een zeer geringe waarschijnlijkheid als uitkomst krijgen, maar dan is de vraagstelling een andere dan waarvan men eerst uit ging. Bij kruis of munt is er geen band aan het verleden, iedere gebeurtenis staat op zich zelf. Veel erger wordt nog de fout, als men te maken heeft met gebeurtenissen die wel „herinnering" hebben. Men kan de vraag stellen: wat is de waarschijnlijkheid, dat morgen de zon zal opgaan nadat ze al vele, vele jaren is opgegaan. Hier kan men over de kans ,,a priori" helemaal niets zeggen en het is radicaal fout hier waarschijnlijkheidsrekening te willen toepassen. Freudenthal zegt in een voordracht, die hij in de vergadering op 20 mei 1963 van de sectie van „Natuur- en Geneeskundige wetenschappen" van het Provinciaal Utrechts Genootschap van Kunsten en Wetenschappen gehouden heeft — dus voor een publiek als het onze — (Verslag 1964 blz. 41 e.v.v.) over „Gebruik en misbruik van de statistiek" op blz. 53 „Ik heb al vroeger uiteengezet hoe gevaarlijk het is de waarschijnlijkheid van een gebeurtenis te voorspellen nadat die zich heeft voorgedaan. Men vraagt het dikwijls aan de statistici, die zich als ze die taak op zich nemen, van haar met gepaste voorzichtigheid kwijten. We kennen slechts één organische wereld. Dat is net één te veel of een biljoen te weinig, om de waarschijnlijkheid van de existentie van de wereld achteraf te berekenen. Zelfs wanneer we veel meer biochemie zouden kennen, zou het uiterst moeilijk zijn, zulk een waarschijnlijkheid verstandig te definiëren". Freudenthal keert zich ook scherp tegen (blz. 48) ,,onmogelijkheidsbewijzen voor de generatie spontanea, bewijzen, die steeds weer volgens hetzelfde schema verlopen. Men vindt dergelijke pogingen bijvoorbeeld bij de bioloog Lecomte du Nouy, die hierbij trouwens op werk van de fysicus Ch. E. Guye steunt". Wel zegt hij van „de verbazing over de volmaakte en wonderbaarlijke organisatie van de wereld waar elk detail op een groot en weldoordacht plan schijnt te wijzen": „Deze verbazing is zeker wel gemotiveerd". Maar hij laat daarop onmiddellijk volgen: „Wat minder aanvaardbaar zijn de pogingen deze verbazing te rationaliseren". En verder „Maar ook al wordt deze idee aanvaard, dan nog moeten we toegeven, dat we het stochastische proces van de evolutie, zoals die zich op aarde moet hebben afgespeeld niet begrijpen. De waarschijnlijkheid van een geïsoleerde mutatie lijkt heel klein. Een aantal mutaties, toereikend voor de wijziging van een biologische soort en voor

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's

1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 283

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's