Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 75

3 minuten leestijd

STABILITEIT IN DE LEVENDE NATUUR

53

schrijving gaat, hoe groter onze technische macht. Het is te verwachten, dat dit ook zal opgaan voor onze beschrijving van de levende materie. Het is te hopen dat men hier van de verkregen macht nimmer zulk een destructief gebruik zal maken als gedaan is met de kennis der atomen. Wenden we ons weer tot de levensprocessen. Ook bij de bestudering van levende organismen is er een soort eenheid van levende materie ingevoerd, namelijk de cel. Op het eerste gezicht heeft de cel als eenheid van levende materie veel gemeen met het atoom als eenheid van dode materie. Een organisme is opgebouwd uit cellen. Deze hebben een afmeting van de orde van een honderdste millimeter, afgezien van een aantal uitzonderingen, en zijn daarom stuk voor stuk met het blote oog niet waarneembaar. Het aantal cellen in een organisme kan zeer groot zijn, zoals in het geval van de dieren en planten, die wij om ons heen zien. Er zijn echter ook organismen, die slechts uit een enkele cel bestaan, zoals bijvoorbeeld bacteriën. Evenals een atoomsoort stabiel is, althans in hoge mate, is ook een celtype stabiel, d.w.z. een bepaald type cel is als zodanig herkenbaar, doordat het bepaalde eigenschappen heeft, die bij elke cel van het type op dezelfde manier voorkomen. Hiermee houdt de overeenkomst tussen cel en atoom echter op. Een cel kan zichzelf in tweeën delen, waarbij een nieuwe cel van precies hetzelfde type ontstaat. Een atoom kan dit niet. Een cel kan stoffen opnemen en stoffen afgeven, zij kan zich in vele gevallen bewegen. Sommige bacteriën kunnen geslachtelijk paren en ook dit genoegen is aan het atoom ont2Kgd. Het essentiële verschil tussen een atoom en een cel is, dat een atoom als zodanig stabiel is, althans binnen de genoemde grenzen, terwijl de cel ontstaat, enige tijd functioneert en dan weer vergaat. De cel zelf is dus niet stabiel. Het type, de idee, die op één of andere wijze in de cel verscholen ligt, is het stabiele element. In een cel kan zelfs nog meer verscholen liggen dan alleen het type van de cel zelf. Dit blijkt, als men bedenkt, dat een heel organisme, bijvoorbeeld een mens, zich ontwikkeld heeft uit één enkele cel, die op zijn beurt ontstaan is uit de versmelting van een geslachtscel van de vader en één van de moeder. In deze ene cel moet dus besloten liggen de hele ontwikkeling van het individu, dat uit de cel zal ontstaan. Dit individu is er één van dezelfde soort als de beide ouders. In zulk een cel is dus „de idee" mens verscholen. De grote vraag is dus nu, op welke wijze deze typestabiliteit in de

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's

1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 75

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's