Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 129

3 minuten leestijd

METEN EN WETEN IN DE FYSICA

95

gebied te beschrijven, bij voorkeur zelfs kwantitatief, teneinde te komen tot wat men noemt een verklaring van de verschijnselen. Hij staat dan voor een zware taak, want voor een echt nieuw gebied kent hij de begrippen en grootheden niet waarmee hij zal moeten werken. Wil hij aan het werk gaan en een greep krijgen op dit gebied dan zal hij allereerst en tenminste afspraken moeten maken over de te gebruiken begrippen en grootheden. Wij zullen eerst een „taal" moeten zoeken die in het nieuwe gebied bruikbaar is. In deze nood komt nu het model in het spel: de fysicus tracht, op een of andere wijze, te komen tot een model van het fysisch aspect dat hij bestudeert; een model dat probeert enkele trekken van het gebied van onderzoek weer te geven, bij voorkeur de trekken waarvan verondersteld wordt, dat ze de hoofdtrekken zijn. Zo'n model kan dan gebruikt worden als startpunt voor verder theoretisch werk. Waaraan moet nu een dergelijk model voldoen wil het geschikt zijn voor het doel waarvoor het ontworpen is? Allereerst zal het ons de begrippen en grootheden moeten verschaffen die voor verder werk nodig zullen zijn. Soms is dit een zeer moeizame zaak; heeft het niet vele eeuwen geduurd eer de begrippen en grootheden die gebruikt worden in de klassieke mechanica scherp waren vastgelegd? §) *) En wanneer Newton ze dan in 1686 helder omschrijft in zijn „Principia" treffen we nog een massabegrip aan dat naderhand onbruikbaar bleek. Een tweede eis die hier noodzakelijk gesteld moet worden is dat het model ons ook relaties aangeeft tussen de grootheden die ik zoeven noemde i) 2) 3)j om even bij de klassieke mechanica te blijven kan men bijv. denken aan een relatie als „kracht is massa maal versnelling". Deze relaties zijn onmisbaar voor verder werk. Immers het model is er om uitgewerkt te worden tot een theorie. De basisrelaties die ik U noemde, moeten daarvoor het begin leveren. Het is duidelijk dat met het uitwerken van deze relaties de wiskunde in het spel betrokken is en bij alle verdere theorievorming niet meer weggedacht kan worden. Aan de relaties die ik U noemde moet echter nog een eis gesteld worden met het oog op de experimentele verificatie. Voor deze verificatie is nodig dat er bij de gebruikte en berekende grootheden ook grootheden voorkomen die zich lenen voor experimentele bepaling. Naast deze grootheden zullen er andere zijn die zich niet voor directe experimentele bepaling lenen, men denke maar aan *) De cijfers verwijzen naar de aan het slot van het artikel opgegeven litteratuur.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's

1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 129

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's