Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 213

2 minuten leestijd

DE VOLHEID VAN DE WERKELIJKHEID GODS

167

van deze wetenschappelijke realiteiten. W^e kunnen wel mens en dier zinvol manipuleren. We kunnen op grond van onze beschrijving ook geen natuur maken. We moeten ons steeds bewust blijven, dat onze j , beschrijving uitsluitend rust op de analyse van de verschijnselen, die j/ zich herhalen of herhaalbaar zijn. We moeten ons blijvend realiseren, dat deze beperking ook geldt voor de klassieke fysica van deterministisch karakter (of voor een toekomstige deterministische fysica). Alles wordt afgefiltreerd, wat niet methodisch grijpbaar is. Dit neemt niet weg, dat de ontwikkelingsweg van de methode de christen moet dwingen tot een „eerherstel van de materie" (vooral ook dank zij de resultaten van de moleculaire biochemie en neurofysiologiel). We weten alle, dat deze ontwikkeling ons bewust heeft gemaakt van (onder meer) drie fundamentele zaken: 1. De objectivering gelukt niet voor wat betreft de onafhankelijkheid van de beschrijving t.o.v. de waarnemende mens: de inhoud van onze uitspraken over „dingen" in de subatomaire sfeer is afhankelijk van de voorwaarden, waaronder de ervaringen, die deze uitspraken verifiëren, worden verkregen. De uitspraken blijven objectief in de zin van „algemeen geldig", maar niet in de zin van „onafhankelijk van de waarnemer". 2. „Modern physics is an indictment of the universal adequacy of common sense" (Margenau), d.w.z. we zijn uiterst op onze hoede tegenover de verleidelijkheid van de evidentie. De structuur van de „werkelijkheid" is ,,anders" dan we vermoeden op grond van de verschijning der verschijnselen. 3. We zijn er op uit de subjectieve elementen, de zgn. klassieke „secundaire" eigenschappen, uit de beschrijving te elimineren, maar het onderzoek in de atomaire en subatomaire afmetingen leert, dat bijna alle eigenschappen „secundaire" zijn: plaats en snelheid van elementaire deeltjes kunnen niet tegelijk scherp worden bepaald. Dit geeft aanleiding tot de erkenning van „complementaire verschijnselen". Het resultaat is, dat de beschrijving gedwongen wordt tot een fundamenteel mathematisch formalisme, toegepast op een substraat, een blokkedoos, van elementaire deeltjes via een serie uitgezochte en aangepaste „bewerkingsbevelen" („operatoren"). Dientengevolge,^ir hebben wetenschappelijke uitspraken geen ontologische pretenties _en de determinerende wetmatigheden ^ijn vervangen door statistische^ waarschijnlijkheidsuitspraken. Ook hier liggen kennelijk echte grenzen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's

1967 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 213

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 294 Pagina's