Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1969 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 80

2 minuten leestijd

56

WAARHEID EN WERKELIJKHEID

ondanks het feit, dat niet gezegd kan worden, dat ze van geheel andere aard zijn of dat ze een geheel verschillend gebied bestrijken. Zijn er konflikten, dan zijn één of beide niet „waar", d.w.z. er is iets mis met het deelhebben aan de objectieve, ontische waarheid (174). Nogmaals: konflikt tussen geloof en natuurwetenschap? Ook de bijdrage van Ubbink heeft betrekking op de konflikten tussen geloof en natuurwetenschap. Zijn ze nodig? Zijn ze te voorkomen? In Ubbinks betoog komt herhaaldelijk Einsteins visie naar voren, die een scheiding van de gebieden voorstond. Volgens Einsteins visie zou wetenschappelijk onderzoek ons kunnen leren hoe de stand van zaken is en ons zo objektieve kennis opleveren. Maar wat we hebben te doen of te laten zou dan uit een geheel andere bron ontspringen, daarvoor is dan de religie nodig (176). Ubbink wijst evenals de andere auteurs van Geloof en Natuurwetenschap deze scheiding af. Zij zou voeren tot een scheiding tussen Gods werkelijkheid en de werkelijkheid van de natuur, tussen geloofswaarheid en wetenschappelijke waarheid (177). Dan wordt Ubbink evenals Loen geplaatst voor de vraag, te zeggen, wat waarheid is. Zijn uitgangspunt, de waarheid is één, is hetzelfde als dat van Loen, zijn benadering een andere. Waarheid; een andere benadering Terwijl Loen rechtlijnig redeneerde vanuit zijn vooronderstellingen over het zijnde, de uitgesprokenheid en de uitspreekbaarheid, voelt Ubbink meer voor een fenomenologische aanpak die sterker door de vakwetenschappen (kwantummechanika) beïnvloed wordt; een instelling, die niet bevreemdt, als men Ubbinks betogen tegen wijsgerige spekulaties gelezen heeft (190 e.v.). Ubbink beperkt zich daarom tot het uiterste wat de kant van het objekt betreft en deze kant van de waarheid (bij Loen: ontische waarheid) is geen punt van diskussie, wel de subjekt-kant van de waarheid (bij Loen; gnostische waarheid). Ubbink geeft daarvan de volgende omschrijving (206); kennis is waar als zij 1) toont, ont-dekt, ja voor ons werkelijk maakt, wat het nog niet was; 2) ons handelen zowel in de praktijk als bij het voortzetten van het onderzoek mogelijk maakt en richt; 3) en ons daardoor de mogelijkheid biedt haarzelf te verbreden, te verdiepen en te herzien. Voor een goed begrip hiervan dienen we ook te weten, wat Ubbink onder „werkelijk" verstaat, dit is; iets is werkelijk voor een onderzoeker, wanneer hij het kan waarnemen en onder woorden brengen (234).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's

1969 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 80

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's