Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1969 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 171

2 minuten leestijd

DE BETEKENIS VAN GEDRAGSONDERZOEK AAN DIEREN VOOR ONZE KENNIS VAN HET GEDRAG VAN DE MENS DOOR

G. P. B A E R E N D S

Men weet reeds lang, dat kennis van de wijze waarop dieren zijn gebouwd en hun orgaanstelsels functioneren van grote betekenis is voor ons begrip van bouw en werkingswijze van het menselijk lichaam. Proeven met dieren, gericht op voor de mens belangrijke problemen, zijn tot een essentieel hulpmiddel geworden van de medische wetenschap en van sommige takken van technologie. Gezien de grote ethische belemmeringen die wij gelukkig voelen tegen experimenten met mensen, is het nauwelijks voorstelbaar hoe de medische wetenschap er nu uit zou zien als zulke dierproeven niet op de mens zouden kunnen worden toegepast. Deze toepasbaarheid is het gevolg van wezenlijke overeenkomsten in verschillende morfologische en fysiologische mechanismen tussen verschillende diersoorten en de mens. Het gaat hier om overeenkomsten, die het karakter hebben van homologieƫn. Dat betekent, dat zij berusten op afstamming, in de loop van geologische perioden, van mechanismen die in een gemeenschappelijke voorouder aanwezig waren. Aangezien de uit die voorouders ontstane soorten zich ieder aan hun eigen specifieke milieu-omstandigheden hebben aangepast, mag men verwachten, dat er tussen een aantal mechanismen van verschillendsoortige afstammelingen in de loop der fylogenetische ontwikkeling divergenties zijn opgetreden, verschillen dus, die berusten op verschillend gerichte aanpassingen. Men mag daarom de aan een diersoort verkregen resultaten niet zonder voorzichtigheid tot de mens (en tot andere diersoorten) generaliseren. Men zal de toepasbaarheid voor elk mechanisme apart moeten toetsen en eventueel correcties moeten aanbrengen. Voor dit nadere onderzoek is inzicht in de wijze en mate van aangepastheid van de gebruikte diersoort en van de weg die bij de evolutie is gevolgd heel belangrijk. Het uitvoeren van dierproeven ten behoeve van de mens berust dus

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's

1969 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 171

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's