1969 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 271
G. A. LINDEBOOM
219
blemen die ogenschijnlijk in geen enkele betrekking tot de practische geneeskunst staan. Oplossingen, hier gevonden, h e b b e n soms geheel onvenvacht ver-reikende gevolgen voor de geneeskundige practijk gehad. H e t ligt voor de hand, dat het innerlijke ethos van de medische wetenschap niet onafhankelijk is van haar mensbeschouwing. W a n neer ze de mens alléén maar beschouwt als een natuurwezen, als een bijzonder genus gewervelde, een hoog ontwikkeld en kwetsbaar zoogdier, geheel te verklaren uit, en slechts deelhebbend aan de natuurorde, en alleen gedreven door natuurlijke drift en drang, dan zal het ethos van zulk een medische wetenschap naturalistisch gekleurd zijn. Ook al heeft men de psycho-analyse een zuivere geesteswetenschap genoemd 5), dit neemt niet weg dat F r e u d ons de mens laat tegemoet treden als een schamel geklede homo natura. Moraalwijsgerig tendeert zij het ethische leven „af te leiden uit benedenzedelijke, i.e. natuurlijke factoren" 6). H e t is, dunkt me, moeilijk te ontkennen dat de bekende Kinsey-rapporten, die het sexuele leven van m a n en vrouw zakelijk en gedistantieerd beschrijven als van natuurwezens, een sterke naturalistische invloed h e b b e n gehad op de ethiek, zeker ook op die van theologische kringen. Natuurlijk moet ook de medische wetenschap micestal van het individuele afzien, in haar zoeken naar regelmatigheden en wetmatigheden. Maar ergens moet toch het besef in haar levendig blijven, dat de lijder meer is dan een exemplaar, dat hij ook een unieke verschijning is met een eigen waarde. E e n aan een der grote Duitse clinici toegeschreven uitspraak: „Der Kranke interessiert mich gar nicht, sondern nur der krankhafte Vorgang", is wel de kwalijkste manier om van zijn wetenschappelijke belangstelling te getuigen. E é n van de meest actuele vragen van de ethiek der medische wetenschap is sinds jaren het experiment, de proefneming op mensen. Ongetwijfeld zijn ook de proefnemingen op dieren ethisch geen neutrale aangelegenheid. „De rechtvaardige kent het leven zijner dieren", staat er in het O u d e Testament, en de Vereniging voor Dierenbescherming streeft een zedelijk doelwit na. Maar over de vivisectie, mits op goede gronden en onder de nodige cautelen van ^) Th. van Schelven: Psychiatrie en Psycho-analyse. Ned. Tijdschrift voor Geneeskunde, 73 (1929), 1703. ") A. Hutter: De ontmoeting van psycho-analyse en ethiek. Ned. Tijdschrift voor Psychologie VI (afl. 2), 1951, 91-101.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's