1969 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 155
H. LOMAN
119
wand; die wand blijkt tweelagig te zijn zoals uit electronenmicroscopische opnamen blijkt; en die wand blijkt selectieve eigenschappen te bezitten. De microsferen kunnen zich vermenigvuldigen door het proces van knopvorming, een verschijnsel dat zich o.a. ook voordoet bij gistcellen. Die knoppen zijn een soort uitstulpingen op de wand van het bolletje, die zich af kunnen splitsen en verder kunnen „groeien", doordat nog in de oplossing aanwezig proteinoïde zich op de knop afzet. Op grond van deze en andere eigenschappen suggereert Fox dan ook dat deze microsferen een plausibele stap zijn op weg naar het ontstaan van de eerste proto-cel. Ik kom hier nog even op terug. Echter, lang niet iedereen is het met Fox eens wat betreft de grote rol die thermische energie gespeeld zou hebben in de prebiotische processen. De vereiste geophysische condities lijken zelfs buitengewoon onwaarschijnlijk (13): eerst was een temperatuur van 1000C nodig om de aminozuurnitrillen te laten ontstaan. Vervolgens een temperatuur beneden de 100 C teneinde in aanwezigheid van water de nitrillen te hydrolyseren. Daarna moet er een droge condensatie plaats hebben van de aminozuren tot de proteinoïden bij temperaturen rond 150C en tenslotte moeten deze proteinoïden weer in water opgenomen worden opdat de microsferen kunnen ontstaan. Fox heeft echter met vaardige pen zijn aanpak verdedigd en betoogd dat in vulkanische gebieden deze condities mogelijk waren, maar het zou ons te veel tijd kosten daar verder bij stil te staan. Desondanks hebben vele andere onderzoekers geprobeerd de condensatie van aminozuren tot polypeptiden in verdund waterige oplossingen te doen verlopen met behulp van bepaalde condensatiemiddelen. Deze pogingen zijn niet zonder succes gebleven, maar van polypeptiden die qua molecuulgewicht vergelijkbaar zijn met de langs droge weg verkregen proteinoïden, is nog geen sprake. Tot zover wat betreft de aminozuren en peptiden. Het is mogelijk u een soortgelijke verhandeling te geven over de prebiotische chemie van de nucleïnezuur componenten. Ik zal echter volstaan met enkele opmerkingen (5, 7). 1. In de eerste plaats is het weer opvallend hoe gemakkelijk toch ingewikkelde moleculen als adenine en guanine kunnen ontstaan. Koken van een ammoniakale HCN oplossing geeft al adenine; bestralen van een verdunde HCN oplossing met U.V. straling doet zowel adenine als guanine ontstaan; 5 MeV electronen in de oeratmosfeer geven goed aantoonbare hoeveelheden adenine. Dat zal hier waar-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's