1969 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 130
98
MAATSCHAPPELIJKE ASPECTEN VAN DE NATUURKUNDE
Op grond hiervan kan men dus kiezen tussen verschillende mogelijkheden die zich in de maatschappij voordoen; deze keuze moet dan tot stand komen in een open discussie zoals op wetenschappelijke bijeenkomsten. Bij deze gedachtengang lijken mij twee kanttekeningen op hun plaats. In de eerste plaats is het moeilijk de praktische consequenties van het begrip naastenliefde af te leiden uit de manier waarop natuuronderzoekers zich gedragen. Ook binnen deze groep is er niet altijd een eerbiedig en voorzichtig omgaan met de naaste, een geduld hebben met de moeilijkheden van een ander. Verder is er in de redenering van Weinberg al een antwoord gegeven op de zin-vraag. 6. De vraag naar het doel van het bestaan Weinberg geeft in wezen hetzelfde antwoord als Wigner (ref. n ) , pag. 273, 278), nl. dat het doel van de menselijke activiteit moet zijn, het streven naar een coherent beeld van de werkelijkheid. Hierin moeten de samenhangen tussen kosmologie en kernfysica duidelijk zijn, maar evenzeer de samenhang van beide met de psychologie en de wijsbegeerte. Wigner verwerpt op deze gronden het gebruik van chemicaliƫn als LSD enz., waarbij men soms wel het gevoel heeft allerlei samenhangen te doorzien, maar waarbij dat berust op een afname van het critisch denken. Ook in Nederland is de zin-vraag gesteld. In 1960 hebben 100 medewerkers van het natuurkundig laboratorium van de N.V. Philips gesproken 12) over alles wat samenhangt met de vragen over ,,research en ethiek", nadat ze een viertal voordrachten van Dippel, Kwant, van Riessen en Voogd hadden aangehoord. Op de zin-vraag (ref. ^^), pag. 13, 46, 100, 189), werd geen algemeen aanvaardbaar antwoord gegeven, omdat daarbij te veel niet-wetenschappelijke onderstellingen een rol spelen. Belangrijk lijkt mij echter dat bij het uitstippelen van een reis-plan, bij het richting geven op kortere termijn er een grote mate van overeenstemming is tussen een Christen en bijv. Voogd, die in een goede samenleving veel ruimte ziet voor dienst aan de naaste (ref. 12)^ pag. 91). Christenen hebben zo van geen enkel goed werk of juist inzicht het monopolie; zij hebben slechts een grotere verantwoordelijkheid. Voor mij ontleent het bestaan zijn waarde aan het heilsplan, dat God heeft met de wereld. Dat kreeg gestalte in de roeping van Abraham om met heel weinig aanwijzingen te trekken naar het land, dat
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's