1969 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 178
138
GEDRAGSONDERZOEK AAN DIEREN
leerproces voor een dier betekenis had verkregen. Dit is uitvoerbaar door eerst een dier te leren dat het voedsel kan vinden onder een kunstmatig object met voor het dier tot dusver onbekende kenmerken, en daarna de waarde van deze kenmerken in proefreeksen te analyseren. Bij zulke proeven werd gevonden, dat ook hier verschillende kenmerken vaak verschillend werden gewaardeerd en dat na deze waardering de ontvangen informatie tot een eindimpuls werd gesommeerd. Bij deze aangeleerde situaties is het echter, ondanks vele pogingen, niet gelukt door overdrijving van kenmerken een model te maken dat meer waard was dan het aangeleerde voorwerp (Baerends, Bril en Bult, 1965). Dit suggereert, dat de mogelijkheid dat een object supernormaal wordt, wel eens gebonden zou kunnen zijn aan de aanwezigheid van in de genen gecodeerde kennis, die zonder tussenkomst van een leerproces gebruikt kan worden. Verder inzicht in de structuur van de gedrag-veroorzakende mechanismen werd verkregen door studie van het z.g. communicatiegedrag. Hieronder worden de gedragingen verstaan waarmee dieren — gewoonlijk dieren van dezelfde soort — elkaar dreigen of lokken, b.v. ten behoeve van de verdediging van een gebied, het aantrekken van een partner, het voederen van jongen, enz. Omdat dit gedrag vaak zeer spectaculair is, heeft het al vroeg de aandacht van velden dierentuinbiologen getrokken. Nadat men eerst vele vormen ervan had beschreven en zich over het verschijnsel had verbaasd, heeft men geleidelijk door meer analytisch onderzoek inzicht in de veroorzaking, de functie, en de evolutie van dit soort gedrag gekregen. De huidige opvatting is dat dit gedrag tot stand komt doordat bij elke confrontatie van twee dieren tegengestelde neigingen bij deze dieren worden opgewekt, d.w.z. elkaar wederzijds onderdrukkende gedragssystemen worden geactiveerd (Tinbergen, 1952). Steeds zijn dit de systemen voor vlucht en voor aanval, of componenten van deze systemen. Dat is begrijpelijk, omdat vlucht voor een gevaar, of verdediging tegen een gevaar door aanval, voor het voortbestaan van het individu en dus ook van zijn soort van zeer grote betekenis is. Gelijktijdige activering van deze elkaar onderdrukkende systemen, die bovendien met tegengestelde voortbewegingsrichtingen corresponderen, moet echter tot interne conflicten leiden. Uit deze conflicten blijken nu een aantal verschillende verschijnselen te kunnen voortvloeien. In de eerste plaats kunnen, als de beide neigingen niet zeer sterk zijn geactiveerd, componenten van beide systemen, meestal in onvolledige vorm, naast elkaar voorkomen. Men spreekt in dit geval
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's