1969 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 110
82
VIRUS EN FYSICUS
de ontdekking van de structuur van DNA, vindt men duidelijke zinspelingen op Wilkins' afkeer van de „atomic consequences" van de fysica. Wilkins kwam door het lezen van het boekje van Schrödinger op het idee om de structuur van DNA te gaan bestuderen op dezelfde wijze als men de structuur van kristallen bestudeert, namelijk met behulp van röntgenstraling van lage energie. Wilkins zelf zegt in zijn „Nobel lecture" in 1963: „During the war I took part in making the atomic bomb. When the war was ending, I, like many others, cast around for a new field of research. Partly on account of the bomb, I had lost some interest in physics, I was therefore much interested when I read Schrödinger's book What is Life? and was struck by the concept of a highly complex molecular structure which controlled living processes." Indien men een bundel röntgenstraling op een kristal laat vallen, treedt er verstrooiing op. Een deel van de bundel doorloopt het kristal in rechte lijn, doch een fractie van de straling wordt in het kristal van richting veranderd. Het opvallende is nu, dat er niet in alle richtingen verstrooide straling is waar te nemen, doch dat er slechts een beperkt aantal bundeltjes verstrooide straling wordt gevonden, welke onder scherp bepaalde hoeken met de oorspronkelijke richting uit het kristal naar buiten treden. Plaatst men achter het kristal een fotografische plaat, dan vindt men na ontwikkeling een zwarte vlek op de plaats waar de recht doorgaande bundel de plaat heeft getroffen benevens een aantal vlekjes afkomstig van verstrooide bundeltjes. Deze regelmaat vindt zijn oorzaak in de regelmaat in het kristal zelf, waarin de atomen op ordelijke wijze op vaste afstanden van elkaar zijn gerangschikt. De verstrooide bundels ontstaan door interferentie van het licht, dat door elk der afzonderlijke atomen wordt verstrooid. Dit interferentieverschijnsel bij röntgenstraling levert dan ook het bewijs dat röntgenstraling evenals lichtstraling opgevat kan worden als een elektromagnetisch golfverschijnsel. Het verschijnsel van verstrooiing van straling in bepaalde richtingen door regelmatige structtiren kan ik dan ook voor u het best aannemelijk maken door een beroep te doen op uw natuurkundekennis van de middelbare school over de verstrooiing van een lichtbundel door een optisch tralie, d.i. een glazen plaatje, waarin smalle doorzichtige en ondoorzichtige strookjes elkaar op vaste afstanden afwisselen. Verstrooiing
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's