1969 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 134
102
MAATSCHAPPELIJKE ASPECTEN VAN DE NATUURKUNDE
8. Het onderwijs Het onderwijs zal op ieder niveau een brede algemene vorming moeten geven, opdat men inzicht krijgt in de maatschappijstructuur en de rol die men daarin speelt. Dit betekent late specialisatie. Daarbij zal er een opvoeding moeten zijn tot de mentaliteitsverandering, die de verandering van de maatschappijstructuur moet begeleiden. Verandering van deze structuur alleen is niet voldoende. Men moet zo leren verantwoordelijkheid te dragen tegenover anderen. Bij het primair en secundair onderwijs kan men denken aan groeps-onderwijs, waarbij de groepen opdrachten moeten uitvoeren en de zwakkeren door de sterkeren worden meegenomen. Het probleem van de selectie moet nader worden bekeken. Bij het tertiair onderwijs kan men niet buiten specialisatie, maar ook daar is groepswerk mogelijk. Er moet goed toezicht zijn op de sfeer binnen de groep. Bij het onderwijs zelf zal men ook een duidelijke kritische instelling kunnen aankweken; de veronderstellingen leidend tot een bepaalde conclusie kunnen steeds worden vermeld en besproken. Daarnaast moet ook het onderscheid tussen deskundigen en ondeskundigen verdwijnen. Dat onderscheid leidt tot een afschuiven van verantwoordelijkheid en is het einde van de democratie. Men moet slechts onderscheiden tussen meer- en minder-deskundigen, waartussen voortdurende wisselwerking plaats vindt. Aan dit idee ontleen ik het recht om over zoveel verschillende dingen iets op te schrijven. Gaarne treed ik in wisselwerking met meer-deskundigen. Men moet ook denken aan grote groepen in onze samenleving, die na het einde van hun leerplicht geen enkele georganiseerde vorming meer ondergaan. Men kan denken aan een wettelijke verplichting om bijv. 1 dag per week algemeen vormend onderwijs te volgen tot de leeftijd van 25 jaar. Dit onderwijs moet worden aangepast aan de individuele mogelijkheden. Daarnaast kunnen op ruimere schaal dan op het ogenblik instituten voor avond-onderwijs worden gesubsidieerd. Dit lijkt realistischer dan het openstellen van de universiteit voor mensen met sterk uiteenlopende begaafdheid. Over het universitair onderwijs kunnen wij nog enige opmerkingen maken. Het is interessant, dat ook de industrie niet gebaat blijkt te zijn met afgestudeerde fysici die buiten hun enge vakgebied van toeten noch blazen weten. In december 1968 werd er in Eindhoven een studieconferentie 10) gehouden over de opleiding van fysici voor werk in de industrie. De deelnemers bestonden uit (vnl. industriƫle) fysici en
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's