1969 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 127
E. BOEKER
95
van zijn leven besteedt, zich dit dient af te vragen, is het ook de maatschappij zelf die deze vraag aan de fysici stelt. Immers zijn voor dit onderzoek steeds grotere bedragen nodig, die uit de belasting opbrengsten moeten worden gefinancierd. Mondiaal gezien kan men stellen dat in het verleden de research en het wetenschappelijke spel van de liefhebbers zoveel economische vruchten hebben afgeworpen, op een manier die dikwijls niet te voorzien was, dat het economisch nut buiten twijfel is. Hierbij kan men twee kanttekeningen maken: In de eerste plaats is er nationaal gezien geen correlatie aangetoond tussen de hoeveelheid geld die men uitgeeft aan fundamenteel onderzoek en de economische groei (ref. •'') en 6) p. 58). Voor dit laatste is belangrijker de manier waarop fundamentele kennis wordt operationeel gemaakt in de industrie. De kennis zelf kan men ook opdiepen uit de literatuur. Als men Europa en de V.S. vergelijkt op dit punt blijkt het zo te zijn dat men in Europa de uitgaven voor fundamenteel onderzoek moet zien als consumptie, terwijl ze in de V.S. als investering kunnen worden geinterpreteerd, waaruit men zijn geld op de duur wel terug krijgt. Dit is een deel van de „Amerikaanse uitdaging". Op zichzelf hoeft een onderzoeker m.i. het niet te betreuren, dat economieën van andere landen profiteren van zijn werk, het is alleen een beetje jammer dat het dan juist die van de rijke landen zijn. In de tweede plaats is het de vraag of men verschijnselen uit het verleden zo maar kan extrapoleren naar de toekomst. Is er van de zeer-grote deeltjesversnellers die ruwweg 1 miljard gulden kosten en waar een experiment al gauw een miljoen kost wel ooit economisch nut te verwachten? Diegenen die deze vraag stellen argumenteren dan '^) dat de klassieke natuurkunde zich bezig hield met verschijnselen in onze naaste omgeving: electriciteit, magnetisme, gravitatie, stromingen etc, zodat het achteraf niet verwonderlijk is, dat er praktische toepassingen kwamen. Later zette men de atoomfysica op, die belangrijk is voor het begrip van de chemische binding en de kernfysica, die belangrijk is voor de energieproduktie. Dit laatste wordt dan echter al gezien als een marginaal geval. Essentieel voor het werken met een kernreactor is, dat er bij splijting van U'^ss rneer dan 2 neutronen vrijkomen, waarvan een deel na enkele minuten. Dit is zo op het gezicht een toevallige omstandigheid. Studie van processen bij zeer hoge energie.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 310 Pagina's